Home Algemeen Algemeen Wanneer is de werkgever oké?

Wanneer is de werkgever oké?

1159
0

Het artikel op deze blog over “goed werkgeverschap” stimuleerde mij om het reeds een aantal weken geleden beloofde artikel over dit onderwerp eindelijk eens af te maken.

Google biedt gratis maaltijden. De Gasunie plaatst aangepaste autostoelen in de auto’s van medewerkers met rugklachten. Er zijn bedrijven die het bewegen achter het bureau stimuleren met de aanschaf van loopbandbureaus of bureaufietsen. Welke extraatjes vind je in de ambulancebranche vroeg ik mij af.

Ben je op zoek naar een goed werkgever dan kijk je naar de extraatjes en voordelen die deze te bieden heeft. Daarbij gaat het natuurlijk om beloning en secundaire arbeidsvoorwaarden maar dat is allang niet meer het enige wat werknemers belangrijk vinden zoals uit het jaarlijkse werkgever imago-onderzoek van Randstad blijkt. Salaris en arbeidsvoorwaarden vind je namelijk op de tweede plek in de top 10 lijst van belangrijkste aspecten die een goed werkgeverschap bepalen. De top 10 belangrijkste aspecten van goed werkgeverschap voor werknemers volgens Randstad ziet er als volgt uit:

  1. Aangename werksfeer 65%
  2. Salaris/arbeidsvoorwaarden 62%
  3. Baanzekerheid 52%
  4. Balans werk/privé 43%
  5. Financieel gezond 42%
  6. Flexibele werktijden 40%
  7. Interessant werk/inhoud 40%
  8. Goed bereikbare werklocatie 36%
  9. Carrière mogelijkheden 29%
  10. Goede opleidingsmogelijkheden 16%

Als inspecteur bij de Arbeidsinspectie (tegenwoordig de Inspectie SZW) keek ik bij inspecties bijna uitsluitend naar de naleving van de wetgeving waarop we bevoegd waren te inspecteren. De belangrijkste daarvan waren de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) en de Arbeidstijdenwet (Atw). Werden die nageleefd dan was er voor mij niets meer te “verdienen”. Logisch natuurlijk, als inspecteur was ik op zoek naar de zaken die niet klopten om daar vervolgens werkgevers op aan te spreken.

Naar mijn mening moet een werkgever de wetgeving beschouwen als een soort uiterste vangnet. Een bedrijf kan niet een “uitmuntend” scoren bij het personeel door slechts de wet na te leven. Dat maakt de werknemers niet gelukkig, kijk maar naar het lijstje hierboven. Tot mijn genoegen zie ik er dan wel 2 punten bijstaan die mijn werkterrein van inspecteur op het gebied van werk- en rusttijden heel nauw raken, namelijk “balans werk/privé” en “flexibele werktijden”.

Gelet op het eerste punt, aangename werksfeer, ontkomt een goede werkgever er niet aan om zeer betrokken te zijn bij de individuele medewerker en de werksituatie van de medewerkers. Je hebt het dan niet alleen over de werkgever maar ook over diegenen die hem als leidinggevende vertegenwoordigen. Gezamenlijk “hart voor de zaak en voor elkaar” hebben maakt dat medewerkers ook weleens iets meer willen doen dan strikt verplicht is. Natuurlijk bereik je geen “aangename werksfeer” als je de Arbowet en de Atw of andere voor het bedrijf geldende wetgeving aan de laars lapt, ze vormen als het ware de basis om dat soort aspecten van goed werkgeverschap te bereiken.

Ik ben dan ook eigenlijk wel benieuwd in welke mate het summum van “flexibele werktijden”, namelijk het zelfroosteren, bevalt bij UMCG Ambulancezorg, zie artikel op deze blog. De medewerkers daar hebben sinds begin 2016 door het zelfroosteren meer invloed op de indeling van het eigen werk en daarmee op hun eigen werk-privébalans. Veel andere ambulancediensten kunnen daar dan wellicht een voorbeeld aan nemen, zodat ook daar tevredenheid over het werk kan toenemen.

Groepsprocessen kunnen worden gestimuleerd door ook gezamenlijk bezig te zijn op een ander gebied dan het werk zelf, bijvoorbeeld met sporten. Faciliteert de werkgever dit soort zaken, zoals gebeurt bij Ambulancezorg Limburg-Noord, dan is er een dikke kans op gezondere medewerkers en meer onderlinge betrokkenheid.

Een beetje treurig word ik wel van werkgevers of leidinggevende die een voor werknemers belangrijk punt niet uitvoeren, simpelweg omdat het niet verplicht is. Zo’n voorbeeld werd ook genoemd in het artikel “Goed werkgeverschap”. In de Arbocatalogus Ambulancezorg vind je het praktijkvoorbeeld van de afzuiging van dieselrook op de ambulancepost. Als zo’n afzuigsysteem op de ambulanceauto wordt aangesloten wordt voorkomen dat er uitlaatgassen in de garage worden uitgestoten en wordt de blootstelling aan kankerverwekkend fijnstof voor medewerkers verminderd. Ik kan mij dus niet voorstellen dat bij de ene ambulancedienst dit wordt geïnstalleerd en bij een andere ambulancedienst het om financiële achterwege blijft omdat er geen overheidsinstantie zegt dat het verplicht is.

Zo staat de Arbocatalogus vol met praktijkvoorbeelden, wat in feite tips zijn om de werkomgeving te verbeteren zonder dat daar een verplichting voor de werkgever achter zit vanwege de wetgeving. Maar deze punten kunnen de werkomgeving wel verbeteren en het voor werknemers aangenamer maken. De voordelen hiervan zijn niet altijd direct in geld uit te drukken, maar een laag ziekteverzuim, weinig verloop, vriendelijke collega’s, tevreden werknemers en een acceptabele werkdruk zijn wel heel wat waard.