Home Algemeen Algemeen Voorbereid op … dagelijkse ambulancezorg?

Voorbereid op … dagelijkse ambulancezorg?

1970
1

Het is weer tijd om een blog voor ambulanceblog te schrijven, het onderwerp was dit keer makkelijk te kiezen. De afgelopen maanden en weken wordt mijn timeline op de verschillende media gevuld met afwisselende berichten over bijeenkomsten en symposia al dan niet georganiseerd door GHOR of Acute zorg instellingen. Veel van deze bijeenkomsten en symposia hebben één hoofd onderwerp. Hoe kunnen, moeten en willen we ons voorbereiden op die keer dat onze regio wordt getroffen door een grote “ramp”. Er wordt dan met name gekeken naar gebeurtenissen in het buitenland, voornamelijk in grote (wereld) steden.

Ik lees deze berichten dan met gemengde gevoelens, wetende dat er binnen de Nederlandse Ambulancezorg nog heel wat te verbeteren valt. Dat voor deze uitbreidingen geen geld beschikbaar is, maar dat we met het voorbereiden op een grote “ramp” een behoorlijk aantal mensen en instellingen bezig is. Natuurlijk doe ik geen uitspraken wat betreft een kansberekening, maar ik moet zeggen dat ik het wel fors vind. Er moet uiteraard voorbereid worden, maar moet elke regio dit dan onafhankelijk van elkaar doen, opnieuw het wiel uitvinden en moeten daar zoveel organisaties en mankracht mee bezig zijn.

Een “groot” incident?

Ook een groot incident of inzet begint altijd met één eerste telefoontje naar de meldkamer, deze zal vervolgens eenheden aansturen om de eerste opvang te doen. Binnen de Nederlandse Ambulancezorg rollen we dan sinds kort het GGB model uit. Wat betekend dat er behoorlijk wordt opgeschaald binnen je eigen ambulancedienst maar ook dat er flink bij de buren om capaciteit wordt gevraagd.

Is de Nederlandse Ambulancezorg wel in staat om zoveel eenheden in korte tijd beschikbaar te maken?  Ik vraag het me soms af. Wat ik zie tijdens een “normale” dag in de week is dat 85% van onze ambulances beschikbaar zijn in de normale ambulancezorg; A1, A2 en B ritten worden door deze ALS eenheden weggereden. Als we hier nu 40% vanaf halen om beschikbaar te stellen aan een buurt regio, dat zijn dan zo´n 6 eenheden dan wordt het in ons gebied al moeilijk. Ga er dan ook nog eens vanuit dat het aan het einde van de middag plaatsvind dan hebben we wel een probleem. Eenheden kunnen niet worden afgelost en de late diensten hebben geen ambulance beschikbaar om zich op in te melden. Kortom er is geen echte reserve capaciteit beschikbaar.

Eerder onderzoek in Noord Nederland liet al zien dat het daar niet gaat lukken, omdat op te vangen gaat binnenkort een behandel bus in gebruik worden genomen. Ambulancediensten gaan klaarblijkelijk zelf oplossingen zoeken, zo krijg je een “wildgroei” aan oplossingen, oplossingen die in Amsterdam weer anders zijn dan in Rotterdam enzovoort.

Natuurlijk is het bovenstaand een doomscenario, maar zeker niet onrealistisch en dit onderschrijft naar mijn idee wel de kwetsbaarheid van dit systeem. Een systeem waar de ambulancediensten worden bestierd als commerciële ondernemingen, weliswaar zonder winstoogmerk maar wel met een prestatiedrang. In dit systeem is er geen ruimte meer voor extra (stand-by) eenheden welke makkelijk opgeschaald kunnen worden. Er is geen opkomstregeling meer voor personeel en bij opschaling of alarmering van extra eenheden wordt er van de goodwill van personeel uitgegaan. Een prima oplossing maar niet echt van deze tijd.

Begin bij de basis

Landelijke gebieden zijn de dupe van drukte in de grote steden, omdat de ambulances uit die landelijke gebieden naar de steden worden gehaald om daar inzetten te doen. Er is een te kort aan vervoers en behandelcapasiteit, daar kunnen we -zo lijkt het- niet meer omheen. We moeten in sommige gebieden al de brandweer inzetten om de burger van snelle (reanimatie) -zorg te voorzien, simpelweg gewoon omdat wij niet meer op tijd kunnen zijn en we onder maatschappelijke druk staan.

De oplossing met de brandweer geldt voor mij als prima oplossing, maar ik moet er toch niet aan denken dat wij op de ambulancepost een aanhanger beschikbaar hebben welke we mee kunnen nemen als er in de buurt van de ambulancepost een brand is. Dit laat de brandweer niet gebeuren, maar waarom gebeurd dit binnen de Nederlandse Ambulancezorg dan wel?

In veel regio´s worden zogenoemde solo ambulances of rapid responders als oplossing gezien, echter zal er bij vervoer alsnog een ambulance moeten komen, hetgeen betekend dat er twee eenheden met één patiënt bezig zijn. Een ambulance had dit alleen af kunnen handelen, daarom  zijn er ook regio’s waar ze alleen ambulances op ALS niveau beschikbaar hebben om zo zonder rekening te houden met solo of rapid met de capaciteit kunnen schuiven en de paraatheid kunnen waarborgen.

Ons systeem met de huidige paraatheid maar vooral beschikbaarheid komst steeds meer onder druk te staan, het dagdagelijkse systeem wel te verstaan,  moeten we ons daar dan niet druk om maken. Moeten we hier niet samen met de GHOR en de Acute zorg regio´s naar oplossingen zoeken, regiogrenzen laten verdwijnen en meer ambulance capaciteit beschikbaar maken?

Ter overweging zou mijn laatste opmerking hierin zijn.

1 REACTIE

  1. Een ramp of aanslag in Nederland wordt zeer waarschijnlijk ook een ”uitdaging” om het maar eens in eufemistische managementtermen te noemen voor de dagelijkse ambulancezorg in Nederland.
    De dagelijkse ambulancezorg staat al onder druk door continue tekorten aan voldoende adequaat geschoolde ambulancezorg professionals. RAV-en moeten roeien met de riemen die ze van de zorgverzekeraars krijgen, en die zijn niet voldoende.
    Maar daarbij wijzen naar een oplossing om rapid responders en andere innovaties de deur te wijzen omdat ambulances immers alles kunnen vervoeren is een onjuiste voorstelling van zaken.
    Deze gedachtengang werd en wordt door ambulance vakbonden ook vaak gebezigd uit angstdenken. Ergo, in landen zoals het Groot Brittannie is de verhouding Ambulance – Rapid Responder vaak zelfs 1:2 om zo de capaciteitstekorten de baas te blijven en omdat niet iedere patient vervoer behoeft maar wel spoedeisende zorg. Dit gaat ook steeds meer op voor Nederland.

    De hamvraag blijft hoe de Nederlandse ambulancezorg een ”uitdaging” aangaat waarvan we hopen dat die niet zal voorkomen in ons land. In de ons omnringende landen zijn in verhouding de beschikbare geneeskundige en eerste hulp eenheden stukken groter dan de onze.
    Materiaal, voertuigen, beschikbare hulpverleners bepalen de slagkracht.
    Gezien de huidige ontwikkelingen houd ik mn hart vast.
    Een ramp of aanslag laat zich immers niet vangen in een DBC of een zorgpakket…

Comments are closed.