Home Algemeen MMT Vier misverstanden over de traumaheli

Vier misverstanden over de traumaheli

3898
0

De eerste traumahelikopter vloog 12,5 jaar geleden voor het eerst vanuit Nijmegen. Het Mobiel Medisch Team Nijmegen (MMT) kreeg toen de beschikking over een traumaheli. Het Radboudumc heldert een aantal misverstanden op:

‘De traumaheli is voor niets uitgerukt’

Die conclusie wordt vaak getrokken als het slachtoffer van een ongeval niet met de traumaheli wordt vervoerd, maar de patiënt in de ambulance meegaat. De traumaheli is vooral bedoeld om het Mobiel Medisch Team snel naar de plaats van het ongeval te brengen, zodat ze ter plaatse specialistische zorg kunnen verlenen. Slechts één op de tien patiënten gaat mee met de traumaheli.

‘De traumaheli is er alleen voor trauma’s’

Bij de start in 1995 werd de heli alleen bij trauma’s ingezet. Inmiddels vliegt de heli ook voor andere spoedgevallen, zoals bijvoorbeeld een verdrinking of een hersenbloeding.

‘De traumaheli kan hier nooit landen’

Bij een ongeval denken omstanders en hulpverleners al snel dat er geen plek is voor de traumaheli om te landen. Maar de piloten zijn speciaal getraind om op moeilijke locaties te landen. En vanuit de lucht zien zij vrijwel altijd wel een geschikt pleintje, park of weiland.

‘Het Mobiel Medisch Team neemt de rol van de ambulancemedewerker over’

Hoewel ambulanceverpleegkundigen minder bevoegdheden hebben dan artsen van het Mobiel Medisch Team (MMT), blijft het altijd een samenwerking tussen alle hulpverleners. De MMT-verpleegkundige communiceert met alle betrokkenen en zorgt voor een optimale samenwerking.

bron: http://www.omroepgelderland.nl/web/nieuws-1/2039229/vier-misverstanden-over-de-traumaheli.htm#.UlV761OZhOQ

Vorig artikelDoor huisnummerpaaltjes makkelijker te vinden
Volgend artikelRegio Gelderland-Zuid pakt geweld tegen hulpverleners stevig aan
Gijs Peteroff
Samen met een aantal beroepskrachten in de ambulancezorg draag ik graag bij aan een succesvol Ambulanceblog. Ambulanceblog is destijds opgericht om kennis tussen de individuele RAV'en te delen met andere RAV'en. Zo kan kwaliteit op grote schaal geborgd worden, zonder dat elke RAV afzonderlijk het wiel gaat uitvinden.