Home Algemeen Algemeen Verslag bezoek Salt Lake City: Medical Council of Standards

Verslag bezoek Salt Lake City: Medical Council of Standards

584
0

Het Advanced Medical Priority Dispatch System (AMPDS), met als softwarevariant ProQA/Paramount, is nu een jaar of vier in Nederland. Het systeem ondersteunt de verpleegkundig centralist bij het 112-intake proces.

Deze ondersteuning is nodig omdat de verpleegkundig centralist de eerste hulpverlener ‘ter plaatse’ is, en niet op het moment van de melding moet verzinnen welke vragen er in deze situatie gesteld moeten worden of welke instructies gegeven zouden moeten worden. Het systeem helpt bij het selecteren van de juiste urgentie en inzet door middel van een inzetcode, daar zijn er ruim 1200 van om heel precies aan te kunnen geven naar welke melding welk soort eenheid met welke urgentie zou moeten gaan. Ook helpt het systeem bij het geven van meldersinstructies zodat de eerste levensreddende handelingen alvast opgestart worden in afwachting van de ambulance.

Zeer regelmatig krijgt een verpleegkundig centralist feedback van een collega-centralist die hiervoor speciaal is opgeleid. Op deze manier krijgt elke collega de kans om het de volgende keer nóg beter te doen. Bovendien ontstaat zo ook een totaalplaatje over de meldkamer als geheel en kan tot op detailniveau de kwaliteit van de meldkamer bijgehouden en verbeterd worden.

Vanuit verpleegkundig centralisten, maar zeker ook vanuit de rijdienst wordt terugkoppeling ontvangen over urgentie en inzet per inzetcode. Welk type eenheid ergens naartoe gaat, wordt regionaal bepaald. Welke urgentie ten minste aan een melding gekoppeld hoort te worden, bepalen de gezamenlijke verantwoordelijke MMA’s in een landelijk overleg. Waar de patiëntenzorg dat nodig maakt, zal een verpleegkundig centralist hóger inzetten dan voorgesteld door het systeem. Uit oogpunt van patiëntveiligheid zal een verpleegkundig centralist niet láger inzetten dan is afgesproken als het minimum.

Dit zelfde meldkamerprotocol wordt wereldwijd gebruikt, en is inmiddels in ongeveer 20 talen beschikbaar. Op deze manier wordt internationaal op dezelfde manier omgegaan met 112-meldingen. Zo zal eenzelfde melding overal in de wereld tot eenzelfde inzetcode leiden. Urgentie en inzet worden echter op lokaal niveau geregeld.

Dit internationale protocol wordt regelmatig verder verbeterd op basis van ingebrachte verbetervoorstellen vanuit de gehele wereld. Nu Nederland sinds enkele jaren ook gebruik maakt van dit systeem, werken ook wij mee aan het verder vooruit helpen ervan.

De voorstellen voor verbetering worden besproken in de Medical Council of Standards, waar ik sinds dit jaar in plaats heb genomen. De vergaderingen duren een week lang en zijn in Salt Lake City, Utah (Verenigde Staten). Dit keer was er input vanuit Australië, Engeland, Oostenrijk, Canada, de VS en uit Nederland. Soms zijn de voorgestelde wijzigingen zó ingrijpend dat ze uitgewerkt worden voor een volgende grote versie-update (nr 14). Vaak kunnen de verbeteringen al doorgevoerd worden binnen de huidige versie en komen dan ook snel beschikbaar in de hele wereld.

Voor Nederland komt binnenkort versie 13 beschikbaar (hopelijk al dit najaar), aan de Nederlandse vertaling wordt momenteel hard gewerkt.

Hoewel de week erg vermoeiend was, heb ik er erg van genoten en ben ik trots dat Nederland zo’n directe invloed heeft op 112-meldkamerzorg wereldwijd.