Home Algemeen Verloskundigen en centralisten leren elkaars taal

Verloskundigen en centralisten leren elkaars taal

829
0

In het vakblad “Nataal” verscheen in januari 2012 een artikel over de MIST voor de overdracht bij van verloskundigen naar de meldkamer ambulancezorg.

Dat kan anders én vooral beter, oordeelde de focusgroep Acute Obstetrie van het Regionaal Overleg Acute Zorg Zwolle (ROAZ). Om
de overdracht te verbeteren, is een heldere richtlijn ontwikkeld: De MIST. ‘De eenvoud straalt ervan af.’

Dat de communicatie tussen verloskundige en centralist van de meldkamer niet altijd vlekkeloos verloopt, heeft verschillende oorzaken. ‘Ten eerste komen ernstige complicaties tijdens een thuisbevalling niet heel vaak voor. Daardoor was dit thema lange tijd een ‘ondergeschoven kindje’, verklaart Ben Goosselink, verpleegkundig specialist Acute Zorg bij RAV IJsselland en lid van de  focusgroep Acute Obstetrie. Ook de complexiteit van de situatie speelt een rol. ‘Als er iets misgaat tijdens een thuisbevalling heb je te maken met twee patiënten: moeder en kind. Voor centralisten is dat natuurlijk een bijzondere hulpvraag’, verklaart Erik de Leeuw,  operationeel leidinggevende van de meldkamer Oost Nederland.

Elke seconde telt
Omdat verloskundigen en centralisten niet altijd elkaars taal spreken, bestaat het risico dat hulpvraag niet juist wordt ingeschat. Dat
kan ertoe leiden dat de ambulance (te) laat arriveert of dat er slechts één ambulance wordt ingezet terwijl er eigenlijk twee nodig zijn. ‘In een acute situatie telt elke seconde, zowel voor de moeder als voor het kind’, stelt De Leeuw. ‘Een goede overdracht heeft daarom
hoogste prioriteit.’

Download hier het volledige artikel; de Mist-richtlijn