Home Algemeen Algemeen Uniforme begeleiding ambulance (spoed)- transport

Uniforme begeleiding ambulance (spoed)- transport

1379
1

Jarenlang werd de ambulancesector in meer of mindere mate bij spoedtransporten begeleid door de Politie. Deze begeleiding hing meestal af van de capaciteit, noodzaak maar ook van de risico’s die verbonden zijn aan de begeleiding. Er is een moment geweest dat er praktisch geen begeleiding meer plaatsvond. Aanleiding waren enkele incidenten, met name een incident in Maastricht waarbij 12 gewonden vielen. Terughoudendheid was het standpunt.

In 2015 is RWS in overleg met RAV Brabant Zuid-Oost voorzichtig gestart met een procedure spoedtransport.
In noodsituaties kan er een beroep gedaan worden op de procedure spoedtransport ambulance. Vanuit de verkeerscentrale wordt de linkerrijstrook vrijgemaakt waardoor een ambulance sneller en comfortabeler de bestemming bereikt. Een procedure die al heel lang bestaat en sinds kort is vernieuwd.

Binnen de stuurgroep voorrangsvoertuigen IFV is de begeleiding vaker onderwerp van gesprek geweest. Via dit platform was de vanuit RWS en de RAV Zuid-Oost Brabant lopende procedure de trigger om met alle partijen, Politie, RWS en Ambulancezorg Nederland te gaan kijken naar één protocol

Er zijn twee situaties waarbij een rijstrook vrijgemaakt kan worden voor een ambulance spoedtransport. Henri Gommans is wegverkeersleider in de Regionale Verkeerscentrale Zuid-Nederland in Helmond en vertelt hierover: ‘Dit kan als zich een ramp/calamiteit voordoet en tijdens een levensbedreigende situatie. Bij een rustig verkeersbeeld is het in principe niet nodig om de linkerrijstrook af te kruisen en vrij te maken, tenzij expliciet anders is aangegeven.’

Er zijn 3 situaties die zich voor kunnen doen indien een ambulance begeleiding nodig heeft;

1. Ambulance maakt gebruik van begeleiding door gecertificeerde politiemotoren
2. Ambulance maakt gebruik van begeleiding door Rijkswaterstaat
3. Ambulance maakt gebruik van begeleiding door politiemotoren en Rijkswaterstaat

Uitvoering procedure begeleiding door Rijkswaterstaat
Als er een beroep wordt gedaan op deze procedure is dit een exclusieve taak van de werkverkeersleider. ‘De betreffende wegverkeersleider draagt al het andere werk over aan een collega zodat hij/zij zich volledig kan focussen op het spoedtransport. Voordat het transport plaatsvindt verricht de wegverkeersleider een aantal handelingen. Zo wordt de route gescreend op aanwezige werkzaamheden en/of incidenten, wordt de Verkeerscentrale Nederland (VNCL) geïnformeerd over type en vermoedelijke aanvang van transport en worden de weginspecteur en Officier van Dienst (OvD) op de route geïnformeerd. Als het transport plaatsvindt op verschillende gebieden van verkeerscentrales is er nauw contact tussen beide centrales.’

In wegvakken van zo’n 5 kilometer creëert de wegverkeersleider een vrije ruimte op de linkerrijstrook. Gedurende het transport in een levensbedreigende situatie, is er steeds contact tussen de wegverkeersleider in de verkeerscentrale en de chauffeur van de ambulance. Henri: ‘Dit contact is belangrijk zodat we continu van elkaar weten hoe de situatie is. Zo kunnen wij vanuit de verkeerscentrale aangeven wat de chauffeur verder op de route tegenkomt en houdt de chauffeur ons op de hoogte van zijn locatie. Deze communicatie verliep voorheen via de telefoon. Dit was niet efficiënt en dus moest er een update komen van deze procedure. Ook werden er in den lande meerdere werkwijze gehanteerd.’

Uitvoering procedure begeleiding door Politie
Als er beroep wordt gedaan op begeleiding door Politie gebeurt dat op de reeds bestaande manier via de meldkamers van politie en ambulancezorg.

Vernieuwde procedure
Ongeveer 2 jaar geleden is door RWS en AZN het initiatief genomen om te komen tot 1 landelijke procedure die voor Ambulance, Politie en Rijkswaterstaat hetzelfde is. Het gebruik van de telefoon was niet efficiënt, omdat meerdere partijen tegelijk met elkaar in contact staan. Naast de chauffeur van de Ambulance en de wegverkeersleider, neemt in sommige situaties ook een wegverkeersleider van de aangrenzende centrale en politie. Dit zorgde voor onnodige ruis. Met het gebruik van C2000 is dit nu verleden tijd. Er is nu ruimte gecreëerd via een RMG of LMG gespreksgroep.

Binnen de verkeerscentrale Zuid-Nederland waren al enige jaren goede afspraken met de meldkamer ambulance (MKA) Eindhoven. Als een ambulancechauffeur, verpleegkundige of OvD-Geneeskunde behoefte had aan begeleiding door Rijkswaterstaat, dan vroeg hij dat aan bij de MKA die op zijn beurt contact opnam met de verkeerscentrale. Er werd dan een koppeling (patch) gemaakt binnen C2000 waarna ambulancechauffeur en wegverkeersleider één op één contact met elkaar hadden. Vervolgens kruiste de wegverkeersleider blokken van 5 km af. Deze afspraken zijn nu landelijk hetzelfde.’

In de praktijk
Henri: ‘Onze ervaring is dat een ambulance dit soort begeleiding alleen aanvraagt bij hele slechte patiënten, denk hierbij aan neurotrauma’s of pasgeboren baby’s die vlak na de geboorte overgeplaatst moeten worden naar een gespecialiseerd ziekenhuis. Uit ervaring kan ik vertellen dat het zeer dankbaar werk is, zeker als je achteraf hoort dat je mede het verschil hebt kunnen maken. Nu we de nieuwe procedure landelijk uitgerold hebben, kunnen we ook ambulancebegeleidingen doen naar andere delen van Nederland waarbij het transport op de grens van twee verkeercentrales naadloos overgedragen wordt.’

bron: Rijkswaterstaat

1 REACTIE

  1. Graag maak ik een kleine correctie in het artikel over de vernieuwde procedure voor de begeleiding van ambulances:
    Kern van de procedure is dat er géén patch wordt gemaakt, maar dat alle deelnemers schakelen naar een toegewezen RMG of LMG gespreksgroep.
    Bij een begeleiding binnen het meldkamer gebied (let op: dit kunnen meerdere veiligheidsregio’s zijn) wordt gebruik gemaakt van een RMG gespreksgroep, wanneer de begeleiding verder gaat dan het eigen meldkamergebied kiezen we voor een LMG gespreksgroep.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here