Home Algemeen Algemeen Traumacentrum Zuidwest-Nederland; ETS oefensystematiek

Traumacentrum Zuidwest-Nederland; ETS oefensystematiek

1546
0

Binnen de regio van het Traumacentrum Zuidwest-Nederland wordt volop gebruik gemaakt van de ETS oefensystematiek. Alleen al in 2016 zullen er ruim 70(!) oefeningen worden gehouden met behulp van ETS. Emergo Train System (www.emergotrain.com) is een simulatiesysteem, gericht op de organisatie en coördinatie van de (multidisciplinaire) geneeskundige hulpverlening in de ‘witte kolom’. ETS is geen doctrine voor rampengeneeskunde of een opleiding. Het stelt geen normeringen of richtlijnen. ETS is een spelsysteem dat ervaren instructeurs in staat stelt de kritische afdelingen (SEH, OK en IC) binnen het ziekenhuis te simuleren ten tijde van een ramp. Maar niet alleen bij ziekenhuizen maar ook bij ambulancediensten, huisartsenposten en het Rode Kruis. Zelfs de Grootschalige Geneeskundige Bijstand (GGB) kan hiermee prefect worden beoefend. Maar wat is ETS? En hoe kun je het gebruiken? In onderstaand artikel van Gerrit Vernimmen (GGD Zuid Limburg / Universiteit Maastricht) met toevoegingen van Nathan Waller (Coördinator OTO Traumacentrum ZWN) wordt helder uitgelegd hoe ETS te gebruiken is.

Oorsprong en bedenker

Het Emergotrain System is ontwikkeld in the Centre for Teaching & Research in Disaster Medicine, University of Linköping, Zweden door professor Sten Lennquist. Sten Lennquist is professor in disaster medicine, en was Eerste chirurg aan het universiteits ziekenhuis in Linköping. Hij heeft meer dan 20 jaar gewerkt aan de ontwikkeling van disaster medicine, zowel vanuit de klinische als onderwijskundige en wetenschappelijke invalshoeken. Hij is voorzitter van The Scientific Commitee of The International Society of Disaster Medicine. Vanuit zijn betrokkenheid bij de ontwikkeling van ‘Guidelines for education in disaster medicine’ door dit comité heeft hij het Emergo-Train System ontwikkeld. Dit System wordt intussen wereldwijd al in een tiental landen gebruikt.

Conventionele oefenmethoden versus ETS

Tijdens een conventionele oefening is men vaak bij de start al opgeschaald tot maximale sterkte. Zodra er patiënten komen heeft men dus ook een ruime capaciteit. Tijdens de behandeling van de patiënt worden de handelingen meestal niet (volledig) uitgevoerd. De doorlooptijd van een patiënt tijdens de behandeling is dan niet natuurgetrouw. Als de patiënt voor een bepaalde interventie getransporteerd moet worden (naar bij voorbeeld een röntgenkamer) dan doet men dit in een oefening zelden. Bij een conventionele oefening heeft de oefenleider te maken met vele variabelen. De simulatie patiënten blijven mensen en slagen er doorgaans niet in het ziektebeeld bij herhaling exact het zelfde uit te beelden. Een vergelijking tussen deelnemers is niet objectief mogelijk. Dit geldt ook voor het bepalen van het leerrendement als een oefening op een later tijdstip herhaald wordt. Het leerrendement wordt ook zelden vastgesteld aan de hand van de outcome voor de patiënt. Als de deelnemer een andere keuze gemaakt zou hebben, waren er dan meer patiënten door geholpen? Als de hulp anders geboden was, zijn de individuele gevolgen voor de patiënt dan minder ernstig? Bij veel oefeningen blijft de vitale toestand van de patiënt gedurende de gehele oefening hetzelfde. In de werkelijkheid gaat deze vitale toestand gerelateerd aan de tijd achteruit.

IMG_5593

Kracht van ETS

De kracht zit vooral in de eenvoud. Kaartjes die artsen, verpleegkundigen, behandelruimten en middelen uitbeelden al dan niet op tafels of op een whiteboard afgebeeld. Het realiteitsgehalte van ETS blijkt uit het interactieve karakter van de simulatie, het werken met realistische middelen (beschikbaar personeel, materieel, voorzieningen) en een slachtoffer D-base gebaseerd op realistische fysiologische parameters.

Bij het Emergo-Train System wordt gewerkt met de werkelijke hulpmiddelen en binnen de werkelijke tijd. Dat begint met beschikbare hulpverleners. Aan de hand van de uitkomsten van alarmeringsoefeningen en vastgestelde reistijden (onder normale omstandigheden) wordt vastgesteld wanneer er hulpverleners bij komen. Ook de voorzieningen worden geïnventariseerd. Hoeveel behandelkamers heeft de spoedeisende eerste hulp, en hoeveel zijn er vrij op dezelfde dag en tijd als de oefening plaats vindt. Voor operatiekamers, intensive care bedden (zonder- en met beademing), röntgen kamers en recovery bedden geldt het zelfde. Elke handeling die uitgevoerd wordt kost ook de reële tijd van de hulpverlener zoals dat in de praktijk het geval is. Daartoe zijn voor alle handelingen standaardtijden vastgesteld met de beroepsgroep. Zolang hulpverleners bij een patiënt bezig zijn met de uitvoering van onderzoek of de geplande handelingen kan men ook geen andere patiënt opvangen of behandelen. Een patiënt verslechtert zoals dat ook in de werkelijkheid zou gebeuren. Wordt er te lang gewacht met stabiliserende handelingen, dan worden de negatieve gevolgen bij die patiënt voor de deelnemer duidelijk. De oefenleiding geeft middels tekens op de patiënt aan of er complicaties opgetreden zijn.

De ETS oefening

Het Emergo-train System is een oefensysteem dat door middel van symbolen en een aantal whiteboarden de werksituatie simuleert. Op de borden wordt aangegeven wat de omstandigheden zijn en welke hulpmiddelen beschikbaar zijn. Per patiënt is er een kaart met medische parameters beschikbaar. Ook zijn per patiënt, met de deskundigen, de handelingen vastgesteld die binnen welk tijdsinterval na het incident noodzakelijk zijn om complicaties te voorkomen.

Op deze wijze kan men ook de effectiviteit van de deelnemers relateren aan de outcome van de patiënt. Als men de oefening weer ondergaat (met andere patiënten) nadat de vorige oefening nabesproken is, dan is het effect van de aangepaste behandeling aantoonbaar door middel van de aantallen “preventable complication” of “preventable death”; de outcome wordt inzichtelijk. Door de tijdsdruk, die in de oefening gevoeld wordt door de deelnemers, waant men zich in een werkelijke calamiteit. Bij een oefening in volle omvang wordt de gehele keten geoefend vanaf de plaats van het incident tot en met de behandeling in het ziekenhuis. De verschillende onderdelen – triage en hulpverlening ter plaatse, transport van slachtoffers, behandeling op de eerste hulp en verdere behandeling (operatiekamer) tot opname – beïnvloeden elkaar zoals dat in de werkelijkheid ook gebeurt.

In onderdelen

Wil een organisatie met name zijn deel van de keten oefenen met behulp van het Emergo-train System, dan kan dat. Zo zijn de gedeelten ‘hulp ter plaatse’, ‘ambulance bijstand en gewondenspreiding’ en ‘ziekenhuiszorg’ geschikt om zelfstandig te oefenen. Gebruikt men het systeem voor triage oefeningen dan is aan de hand van de patiëntenstromen duidelijk in beeld te brengen of de triage correct uitgevoerd is en waar verbeteringen mogelijk zijn. Het bij de MIMMS gehuldigde principe ‘do the most for the most’ is met behulp van het Emergo-Train system inzichtelijk te maken.

Kenmerken van ETS

ETS visualiseert capaciteit en ondersteunt deelnemers in het leren omgaan met grootschalige incidenten. ETS dekt hierbij de gehele “medische keten” binnen het ziekenhuis zoals de SEH, OK, IC/CCU en verpleegafdelingen. Omvang en grootte van ziekenhuizen of afdelingen maken voor het spelsysteem niet uit. Dat geldt ook voor de personele bezetting.

ETS dwingt de deelnemers in de simulatie om samen te werken, te communiceren en beslissingen te nemen ten aanzien van de middelen die tot hun beschikking staan. Bovendien hebben de genomen beslissingen gevolgen voor de situatie van andere deelnemers. Natuurlijk is een goede onderlinge afstemming van belang. Op deze manier komt er dynamiek in de spelsituatie. Dat betekent dat deelnemers naast inhoudelijke leerervaringen op bijvoorbeeld processen en procedures uit het ZiROP ook leren over de wijze waarop zij samenwerken in moeilijke situaties.

Leren met ETS

ETS biedt veel mogelijkheden waarin afdelingen kunnen worden nagebootst. Afhankelijk van de leerdoelen faciliteert ETS t.a.v. het opleiden, trainen en oefenen met procedures, (multidisciplinair) samenwerken, stellen van prioriteiten, omgaan met effecten van (gebrek aan) tijd en/of middelen, communicatie tussen betrokken functionarissen / samenwerking tussen functionarissen en omgaan met druk en hectiek.

Begeleiding bij ETS

Tijdens de oefeningen zijn meerdere instructeurs betrokken. In samenspraak met de opdrachtgever stelt de oefenleider het draaiboek en scenario samen. Tijdens de oefening begeleiden de instructeurs de deelnemers binnen hun eigen afdeling. De oefenleider bewaakt de voortgang en heeft een totaalbeeld van het verloop. Tevens is hij/zij verantwoordelijk voor de gang van zaken tijdens de oefening.

Diagnostiek met behulp van ETS

Een andere mogelijkheid van het Emergo-Train System is het gebruik als diagnostisch instrument. In Nederland wordt veel geïnvesteerd in planvorming rondom grootschalige incidenten. De vraag is echter ‘hoe effectief zijn deze plannen nu?’ Met behulp van het Emergo-Train System kan een rampenplan beoefend worden zonder de reguliere zorg te hinderen of zelfs te belemmeren. Door de doorlooptijden per patiënt volgens Emergo-Train door te rekenen kan achterhaald worden hoeveel hulpmiddelen (bijvoorbeeld operatiekamers, intensive care bedden en ventilatoren) in gebruik zijn als alle aangeboden patiënten tijdig behandeld zouden worden. Zijn er dan niet voldoende operatiekamers operationeel (ruimte, middelen, personeel enzovoort) dan is vast te stellen hoeveel en welk soort complicaties dat veroorzaakt. Worden de plannen aangepast, dan is de oefening herhalen een prima instrument om het rendement van de aanpassing inzichtelijk te maken. Bij enkele recente oefeningen in ziekenhuizen in Zuid-Limburg is dat ook gebleken. Waar men in de oefening overtuigd was van een probleemloos verloop bleek het aantal operatiekamers en intensive care- of recovery bedden volstrekt onvoldoende om alle aangeboden patiënten adequaat te behandelen.

IMG_5350 IMG_6135

Toekomstperspectief

In Nederland wordt steeds beleden dat er meer geoefend moet worden. Maar Nederland is zuinig van aard en geld is er te weinig. Op een symposium een paar jaar geleden werd zelfs door beleidsmakers gesteld dat er meer en beter geoefend moest worden omdat oefenen niets kost. Door de hoeveelheid personen en de omstandigheden die voor het oefenen nodig zijn, is oefenen zelfs duur. Nu, door de bezuinigingen ten gevolge van de afgelopen recessie, is het eens te meer belangrijk een oefensysteem te gebruiken dat een goede kosten baten verhouding heeft. Het Emergo-Train System heeft een goede kosten baten verhouding en toekomstige ontwikkelingen (bijvoorbeeld automatisering) zullen die verhouding nog verbeteren.

Bronvermelding:

1 Kessels JWM drs en Smit CA drs. Opleidingskunde,`Kluwer Bedrijfswetenschappen, Deventer 1995.
2 Kessels JWM drs en Smit CA drs. Succesvol ontwerpen, Kluwer Bedrijfswetenschappen, Deventer 1996.
3 Kessels JWM drs en Smit CA drs. Handboek opleiders in organisaties Kluwer Bedrijfswetenschappen, Deventer 1994.
4 Kedzierski JTh drs en Vlemmix MC drs, ir. Kwaliteit en beheer, Bohn Stafleu van Loghum Houten/Diegem 1995.

Traumacentrum Zuidwest-Nederland; ETS oefensystematiek
5 (100%) 4 beoordeling(en)