Home Algemeen Algemeen Rijden met begeleiding

Rijden met begeleiding

9535
0

Als IC-Ambulancechauffeur bij Ambulance Amsterdam heb ik op twitter ( en ) een aantal filmpjes online gezet van trainingen en inzetten met begeleiding door de politie. Ambulanceblog heeft mij gevraagd om in een item aandacht te geven aan deze bijzondere ritten, dit omdat niet elke dienst deze ritten uitvoert en ambulanceblog graag deze kennis en informatie wil delen met al onze collega’s.

Met de Volvo IC-voertuigen vervoeren we patiënten van diverse formaten. De kleinste zijn bij ons soms na een zwangerschap van minder dan 25 weken geboren in een perifeer ziekenhuis, en worden dan met/naar de NICU (Neonatale Intensive Care Unit) van een academisch ziekemhuis gebracht. Ook overplaatsingen van academisch naar een ECMO-centrum voor neonaten komt voor. Dit zijn zeer kwetsbare patiënten. Een keer bruusk remmen kan al voldoende zijn om alle inspanningen van neonatologen en neonatologieverpleegkundigen teniet te doen. Dit is dus een reden om (op verzoek/in overleg met) de arts te vragen om begeleiding van de (verkeers)politie, niet omdat het sneller gaat (de vrachtwagen is begrensd op ongeveer 120) maar omdat het veiliger is voor de patiënt.

Een begeleide rit begint met de aanvraag door de ambulancechauffeur bij de GMK-Amsterdam. Die zetten de vraag door naar de politie, die bepalen of er voldoende capaciteit aan motorrijders is. Het minimum is 2, optimaal is 3 of meer. Soms gaat er als “sluitpost” een verkeersdienstauto mee, die houdt op snelwegen het verkeer achter het transport (dat vaak langzamer rijdt dan de geldende maximumsnelheid/de topsnelheid van de ambulance, ook weer uit comfortoverwegingen.) en communiceert met Rijkswaterstaat en de politiemeldkamer over het verkeersbeeld en de route en de mogelijkheid om rode kruizen te plaatsen op een rijstrook.

Als de politie voldoende capaciteit heeft wordt er een LMG of RMG communicatiegroep op C2000 vrijgemaakt voor het transport zodat de ambulance en politie ongehinderd kunnen communiceren. Voor het transport wordt afgesproken wat ip de gereden snelheid is, of hobbels en kuilen moeten worden doorgegeven door de motorrijders en wat de voorkeursroute is. Op basis van het verkeersbeeld worden dan mogelijk nog aanpassingen gemaakt.

Tijdens het rijden rijdt 1 motorrijder vlak voor de ambulance, dit is de commandant van de motorrijders. Deze communiceert met de meldkamer politie over locatie en verkeersbeeld, en met de ambulancechauffeur over snelheid en route, en met de overige motorrijders. Die rijden verder naar voren om kruisingen vrij te maken en/of de linkerrijstrook op de snelweg.

Tijdens het transport houdt de ambulancechauffeur dmv van de intercom contact met het team achterin, en een oogje in het zeil dmv de monitor in de cabine die beeld van de camera achterin weergeeft. Als er achterin procedures gestart (moeten) worden zal de chauffeur iom de commandant de snelheid omlaag brengen, en mogelijk zelfs tot stilstand komen indien noodzakelijk. De politie regelt dan rode kruizen en afzetting als het op de snelweg is.

Bij een transport richting EMC rotterdam is het mogelijk om “spoedbegeleiding” aan te vragen, zeker met kwetsbare patiënten is dit het overwegen waard, maar wel iets om met mate in te zetten ivm de grote belasting van de rotterdamse politie. Ze zetten dan namelijk vanaf de snelweg alle kruisingen af om de ambulance vrij baan richting het EMC te geven.

Hieronder een filmpje van een daadwerkelijke inzet tijdens een traningsdag:

Hieronder een filmpje van een begeleiding gezien vanuit de politie