Home Algemeen Algemeen Richtinggevend Kader Bijzondere Verkeersbevoegdheden

Richtinggevend Kader Bijzondere Verkeersbevoegdheden

1430
0

In 2013 heeft het kenniscentrum Voorrangsvoertuigen van het IFV het project ‘Eenheid in de rijopleiding’ uitgevoerd. Uit het onderzoek is gebleken dat, hoewel de disciplines op een aantal onderdelen verschillend zijn, een groot deel van het zich verplaatsen op de weg als voorrangsvoertuig vergelijkbaar is. Dit geeft mogelijkheden voor het creëren van meer eenheid in rijgedrag en rijopleiding.
Een van de voorgestelde maatregelen was een richtinggevend kader waarin het gewenste rijgedrag wordt beschreven. In 2015 is gestart met het opstellen van een richtinggevend kader voor het rijden met optische- en geluidssignalen. Hierin worden voor alle verschillende voorrangsvoertuigdisciplines afspraken vastgelegd over eenduidig rijgedrag. Deze afspraken vormen ook de basis voor de rijopleidingen van de hulpdiensten.

Totstandkoming
Een projectgroep met afgevaardigden van Ambulancezorg Nederland, Brandweer Nederland, Defensie, de nationale politie en particuliere opleiders heeft in een aantal sessies gewerkt aan dit richtinggevend kader, waarbij de opzet van de rijprocedures van het CBR als voorbeeld is genomen. Een klankbordgroep, met daarin mensen die zich betrokken voelen bij het onderwerp, heeft gedurende het project meegedacht over de thema’s, feedback gegeven op de werkdocumenten en uiteindelijk het conceptstuk gereviewd.

Richtinggevend Kader
Uiteindelijk heeft dit geresulteerd in het Richtinggevend Kader Bijzondere Verkeersbevoegdheden. Hierin is beschreven wat het meest wenselijke gedrag is van bestuurders die gebruikmaken van bijzondere verkeersbevoegdheden. Over het algemeen zijn dit bestuurders van voertuigen die in gebruik zijn bij de hulpverleningsdiensten zoals genoemd in artikel 29 Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV ’90). Met bijzondere verkeersbevoegdheden wordt in dit kader gedoeld op twee verschillende vormen:

  • Het gebruikmaken van een vrijstelling op verkeerswetgeving.
  • Het rijden als bestuurder van een voorrangsvoertuig als bedoeld in het RVV ’90.

Het richtinggevend kader richt zich op het verkeersgedrag van de bestuurder die gebruikmaakt van bijzondere verkeersbevoegdheden. De taak die de bestuurder uitvoert, in combinatie met het hiervoor gebruikte voertuig, is bepalend voor dit gedrag. Zo zijn bijvoorbeeld de taken van een bestuurder van een tankautospuit niet te vergelijken met die van een bestuurder van een politiemotor. Het kader moet dan ook gelezen worden met als uitgangspunt de taak van de bestuurder in combinatie met het gebruikte voertuig.
Het Richtinggevend Kader Bijzondere Verkeersbevoegdheden kunt u hieronder downloaden.

bron: IFV