Home Algemeen Algemeen Resultaten onderzoek TNO naar effect DIA

Resultaten onderzoek TNO naar effect DIA

1512
0

Eind 2013 was het besluit DIA in te voeren nog vooral gebaseerd op aannames met betrekking tot de (mogelijke) effecten en daarom is besloten om een onderzoek uit te voeren naar de effecten die DIA heeft in zowel kwalitatief als kwantitatief opzicht. Op basis van de resultaten van de effectmeting kan het besluit uit september 2013 herbevestigd dan wel aangepast worden. TNO heeft in 2014 de effectmeting uitgevoerd.

Onderstaand een aantal items die in de effectmeting en in de notitie van AZN zijn genoemd, beide documenten kun je onderaan dit item downloaden.

De achtergrond

In de zomer van 2013 heeft Booz & Company voor AZN een onderzoek uitgevoerd naar de ontwikkelingen die relevant zijn voor de ambulancezorg. De primaire aanleiding hiervoor waren de actuele meldkamerontwikkelingen, waaronder met name de meldkamer van de toekomst. Booz heeft geadviseerd een aantal pilots in te richten rond het meldkamerdomein, waaronder een  onderzoek naar de werkwijze Directe Inzet Ambulance (DIA).

Reeds begin 2013 had de RAV Hollands Midden de werkwijze ingevoerd. Op grond van verschillende overwegingen heeft het Algemeen Bestuur van Ambulancezorg Nederland (AZN) in september 2013 besloten om de werkwijze Directe Inzet Ambulance (DIA) in te gaan voeren. Dit onder het voorbehoud dat nog wel nader onderzoek moet worden gedaan naar de effecten van DIA en dat DIA geen negatieve effecten met zich mee mag brengen. De kwaliteit van de zorg aan de patiënt staat immers voorop.

DIA is onder meer ingevoerd vanuit de overtuiging dat de ambulancesector met DIA de burger die 112 belt zo spoedig mogelijk te hulp kan schieten, waarmee de ambulancesector tegemoet kan komen aan een van de uitgangspunten van de Landelijke Meldkamerorganisatie (LMO). Bovenstaande is ook (uitgebreider) vastgelegd in het ‘Visiedocument meldkamer’ van AZN d.d. 24 februari 2014.

DIA leidt tot een kortere responstijd

Uit de effectmeting blijkt dat de responstijd na invoering van DIA afneemt.
Het beeld voor de vier DIA-regio’s met betrekking tot de tijdswinst op de responstijd voor zowel A1- als A2-inzetten ziet er als volgt uit:

Dia repons 112

Met betrekking tot de responstijd kunnen de volgende conclusies getrokken worden:
De tijdsblokken, waaruit de responstijd is opgebouwd, worden korter:

  • de tijdsduur aanname en uitgifte van A1-inzetten neemt af
  • de responstijd van zowel A1- als A2-inzetten neemt af
  • er is sprake van een aanvullende verkorting van de aanrijtijd bij A2-inzetten

DIA levert vooral tijdswinst op bij inzetten waarbij de triage veel tijd vraagt. Echter, een snellere responstijd betekent in deze gevallen niet per definitie van er ook sprake is van gezondheidswinst.
Er is sprake van een toename van het aantal A1-inzetten dat binnen 15 minuten ter plaatse is:

  • het aantal A1-inzetten dat binnen 6 minuten ter plaatse is neemt met 79% toe
  • het aantal A1-inzetten dat binnen 8 minuten ter plaatse is neemt met 52% toe
  • het aantal A1-inzetten dat binnen 15 minuten ter plaatse is neemt met 6% toe

Vooral centralisten ervaren de tijdswinst als gevolg van de invoering van DIA. Ambulance-eenheden hebben juist regelmatig het gevoel tijd te verliezen (omdat zij nog moeten wachten op  benodigde informatie).

In welke situaties is het effect van DIA het grootst

Een eenduidige conclusie over het effect van de invoering van DIA en het soort gebied, landelijk of stedelijk, is lastig te trekken. De meningen van medewerkers zijn verdeeld en de tijdseffecten laten een grillig beeld zien.
Gemiddeld kan het volgende gezegd worden over het effect van DIA en de aard van het gebied:

  • het effect van DIA is het kleinst in zeer stedelijk gebied
  • de sterkste afname van de responstijd is bij A2-inzetten in sterk stedelijk gebied én in niet stedelijk gebied

Conclusie uit de effectmeting

De effectmeting DIA laat in kwantitatief opzicht positieve resultaten zien. De prestaties zijn verbeterd: de responstijden worden korter en meer ambulances zijn sneller ter plaatse. Deze tijdswinst heeft ook effect op de kwaliteit van de hulpverlening. Daarnaast is er geen explosieve stijging van het aantal inzetten en is het effect op de capaciteit acceptabel.

Alles overziend is het advies het besluit uit september 2013 tot invoering van DIA op dit moment (februari 2015) te herbevestigen. Dit betekent in praktische zin dat wanneer de LMO een feit is, de
eerste intake in het multidomein van de LMO leidt tot een opdracht tot inzet.

Invoering van DIA vindt in 2015 plaats in een omgeving die volop in beweging is. Enerzijds betreft dit de ontwikkeling van de LMO, waarbij zowel de multi als de mono-intake aan het veranderen zijn.
Daarnaast betekent invoering van DIA een verandering van de werkwijze. De impact die dit op medewerkers heeft is een punt van aandacht. De invoering en de effecten van DIA vragen daarom om blijvende monitoring. Daarom wordt voorgesteld om medio 2016 de effecten van DIA opnieuw in beeld te brengen, waarbij ook de effecten voor ketenpartners (zoals politie) betrokken moeten worden.

Communicatie richting medewerkers verdient extra aandacht

De mening van medewerkers met betrekking tot DIA is verdeeld en neigt naar het negatieve. Dit verdient nadrukkelijk de aandacht van de sector, in ieder geval in de vorm van een gedegen
communicatietraject.

bron: notitie effectmeting DIA AZN

Hieronder beide documenten