Home Algemeen Algemeen PTSS, vroegtijdig signaleren en herkennen

PTSS, vroegtijdig signaleren en herkennen

9143
0

Eerder schreven we al over Posttraumatisch Stress Stoornis (PTSS), een stoornis die de afgelopen jaren meerdere malen in de media is genoemd als stoornis bij politiemensen. Een vooroordeel dat niet juist is, PTSS kan bij iedereen voorkomen, dus ook bij ambulancemedewerkers.

Wat is PTSS
Een posttraumatische stress-stoornis (PTSS) is een angststoornis en kan komen na een oorlogservaring, een natuurramp, een vliegtuigongeluk, een terroristische aanslag, aanranding, verkrachting, beroving met geweld, of door het zien van mensen die ernstig gewond zijn of gedood.
Zo’n schokkende gebeurtenis kan het geestelijk en lichamelijk evenwicht ernstig verstoren. Geest en lijf blijven als het ware rekening houden met gevaar dat er niet meer is: de angst blijft de hele tijd bestaan. Chronische stress, extra grote waakzaamheid, en allerlei lichamelijke klachten zijn vaak het gevolg. Dit hindert mensen met PTSS op veel manieren in hun dagelijks leven.
Er is een belangrijk verschil met andere psychische stoornissen. Ook daar spelen negatieve levensgebeurtenissen vaak een rol, maar een PTSS gaat altijd direct terug op een trauma. De PTSS verschilt ook van andere stoornissen omdat mensen niet het trauma zelf, maar de herinnering aan het trauma uit de weg wil gaan.

Signaleren en herkennen
Het signaleren en herkennen van PTSS is belangrijk, het signaleren zal als buitenstaander / collega makkelijker zijn dan diegene die zelf PTSS verschijnselen laat zien. Een belangrijke taak voor ons om op elkaar te letten.
Mensen kunnen een hebben posttraumatische stress-stoornis (PTSS) als ze de volgende verschijnselen hebben. Een PTSS kan alleen maar worden vastgesteld door een deskundige (Psycholoog of psychiater)

Mensen hebben kans op een posttraumatische stress-stoornis (PTSS) als ze onder andere de volgende verschijnselen laten zien.

  • Ze hebben een gebeurtenis meegemaakt met een dreigende of daadwerkelijke dood of ernstige verwonding. Zij, en eventueel andere betrokken, reageren met grote angst, hulpeloosheid of afschuw.
  • Ze beleven deze traumatische gebeurtenis de hele tijd opnieuw op minstens één van de volgende manieren:
  • Ze krijgen terugkerende en onaangename herinneringen aan de gebeurtenis. Het zijn herinneringen die ze niet uit de weg kunnen gaan.
  • Ze dromen steeds weer akelig over de gebeurtenis.
  • Ze doen dingen of ze voelen zich alsof de gebeurtenis weer gebeurt.
  • Ze lijden psychisch intens als ze iets zien of horen dat hen herinnert aan de traumatische gebeurtenis.
  • Ze krijgen lichamelijke reacties als ze iets zien of horen dat hen herinnert aan de traumatische gebeurtenis.
  • Ze gaan dingen uit de weg die bij het trauma horen, of ze laten afgestompte reacties zien. Dan herkennen ze zich in minstens drie van de volgende gevallen:
  • Ze willen gedachten, gevoelens en gesprekken uit de weg gaan die horen bij het trauma.
  • Ze willen activiteiten, plaatsen en mensen uit de weg gaan die hen herinneren aan het trauma.
  • Ze kunnen zich een belangrijk stuk van het trauma niet meer herinneren.
  • Ze hebben duidelijk minder zin om dingen te doen, en hebben er geen belangstelling voor.
  • Ze hebben het gevoel niet meer bij anderen te horen.
  • Ze praten nauwelijks over hun gevoelens.
  • Ze hebben het gevoel een beperkte toekomst te hebben.
  • Ze zijn prikkelbaarder geworden na de traumatische gebeurtenis. Dan herkennen ze zich in minstens twee van de volgende gevallen:
  • Ze hebben moeite met inslapen of doorslapen.
  • Ze zijn prikkelbaar, barsten af en toe in woede uit.
  • Ze kunnen zich moeilijk concentreren.
  • Ze zijn overdreven waakzaam.
  • Ze zijn schrikachtiger.
  • Ze hebben langer dan één maand last van bovenstaande verschijnselen.
  • Ze lijden behoorlijk door de PTSS, en kunnen sociale dingen, het werk of andere belangrijke dingen niet meer goed doen.

Afgelopen week is in het omroep MAX radioprogramma “Twee dingen” een intervieuw te horen geweest met Arthur van der Vlies. Arthur, inmiddels adviseur beroepsziekten bij de nationale politie kreeg zelf te maken met PTSS. In het interview dat hier terug te luisteren is verteld hij over het moment dat “even het lichtje uitging”.

 

Meer informatie over Arthur van der Vlies op de website reflectieinblauw.nl

Meer informatie over PTSS kun je vinden op deze pagina van de GGZ-NHN