Home Algemeen Algemeen Nevenwerkzaamheden nog verder ingeperkt?

Nevenwerkzaamheden nog verder ingeperkt?

1155
1

Begin november vorig jaar kwam het principeakkoord voor de nieuwe Cao Ambulancezorg (hierna de Cao) gereed. Overigens zonder het FNV. Daarin staat dat de nevenwerkzaamheden onder druk van de arbeidsmarktkrapte toeneemt. Daardoor zou de Cao niet altijd nageleefd worden. De meldingsplicht wordt aangescherpt door de bijklussende medewerker maandelijks informatie te laten aanleveren bij de werkgever aan over aard en omvang, plaats en tijd van de uitvoering van de nevenwerkzaamheden. De bedoeling is om het belang van veilige patiëntenzorg, Arbeidstijdenwet (hierna de Atw), gezond roosteren en duurzame inzetbaarheid te borgen.

Geen wonder dat de medewerkers met een bijbaan met argusogen uit keken naar de exacte tekst in de nieuwe Cao. Mogen ze nog gewoon via een uitzendbureau bij een andere dienst werken, lesgeven voor een EHBO- of reanimatie- opleidingsinstituut of als zelfstandige meewerken aan een BHV-opleiding? En hoe zit het met de dagelijkse praktijk, waar de ene ambulancedienst van de andere personeel inleent via het uitzendbureau? Kunnen de medewerkers daarop worden wel aangesproken door dezelfde ambulancediensten?

Het zou weleens zo kunnen zijn dat, als medewerkers massaal stoppen met de nevenwerkzaamheden die bestaan uit de extra diensten bij een andere RAV er grote problemen ontstaan.

Duidelijk moet zijn dat de werknemer recht op vrijheid van arbeidskeuze heeft, dus ook een bijbaan moet kunnen. Ook de Atw verbiedt meerdere banen ofwel nevenwerkzaamheden voor de werknemer niet. Op deze blog werd door mij aan dit onderwerp al eerder aandacht besteedt in de artikelen Arbeids- en rusttijden in de Ambulancezorg (7 augustus 2015) en

Normale werktijden? (23 oktober 2015). Ook in de Arbocatalogus Ambulancezorg is er enige aandacht aan besteed.

In de vorige Cao stonden al stevige afspraken over nevenwerkzaamheden. Het vernieuwde artikel 2:3 in de Cao wijdt 452 woorden aan de nevenarbeid, 19 woorden meer dan de oude Cao, dus wat kan het verschil zijn? We gaan het in dit artikel eens analyseren.

De basis voor de regels rond nevenarbeid vinden we in artikel 5:15, lid 6 en 7 Atw, dat zegt dat de werknemer die bij meer dan één werkgever arbeid verricht, aan ieder van die werkgevers uit eigen beweging tijdig de voor de naleving van deze wet en de daarop berustende bepalingen nodige inlichtingen betreffende zijn arbeid verstrekt. De verantwoordelijkheid legt de wet bij de werkgever door aan te geven dat deze de arbeid zodanig moet organiseren, dat de werknemer geen arbeid verricht in strijd met de Atw.

De Cao geeft hier nadere regels voor en levert in feite de gereedschappen waarmee de werkgever ervoor kan zorgen dat een goede invulling kan worden gegeven aan die verantwoordelijkheid.

Natuurlijk staan er diverse verplichtingen in voor de werknemer, maar ik vind die op zich wel logisch. Dat begint met toestemming vragen, je zonodig houden aan afspraken die gemaakt zijn bij het verkrijgen van de toestemming en ook je houden aan een onverhoopte weigering van de werkgever. Ook is het logisch dat de werkgever het niet goed kan vinden als je in zijn tijd werkt voor een ander en ook niet dat zijn dienstkleding, logo’s/emblemen, middelen en materialen en bekwaamheidsverklaring(en) wordt gebruikt in de bijbaan.

Het kleine aanpassing van het Cao-artikel vinden we in lid 7. Daarin is nu uitgelegd wat het belang is van de opgave van nevenwerkzaamheden die de werknemer moet doen, namelijk “om onder meer veilige patiëntenzorg, arbeidstijdenwet, gezond roosteren en duurzame inzetbaarheid te borgen”. Voorts moet de werknemer de informatie aan de werkgever nu “maandelijks” verstrekken in plaats van “steeds”. In de vorige Cao stond al dat de info over de nevenwerkzaamheden de aard en omvang en de plaats(en) en tijd(en) van uitvoering betreft. De werkgever moet vervolgens de informatie registreren en bijhouden.

Tot slot wordt de werknemer nog gewezen op zijn verantwoordelijkheid voor het niet overschrijden van de normen van arbeidstijd- en rusttijdbepalingen en de consequenties als er schade voortvloeit uit de uitoefening van de nevenwerkzaamheden. Maar dat is ook gelijk aan de vorige Cao.

Dus, al met al, kan gesteld worden dat er weinig nieuws is in het bijgestelde Cao-artikel over nevenwerkzaamheden. De (on)mogelijkheden om er een nevenbetrekking bij te hebben zijn nog steeds hetzelfde en de consequenties als het verkeerd gaat ook.

Een boete in verband met niet naleven van de Atw kan alleen worden opgelegd aan de werkgever. Als de werknemer daar schuld aan heeft kon werkgever zo’n boete altijd al via een privaatrechtelijke actie verhalen op de werknemer.

Een rechter zal dan natuurlijk ook toetsen of de werkgever zich heeft gehouden aan zijn deel van de gemaakte afspraken rond nevenarbeid en zelf voldoende heeft toegezien op het inroosteren van de nevenwerkzaamheden.

Kunnen er problemen zijn met de uitvoering van de regels?

Wie is de werkgever?

De werknemer met nevenwerkzaamheden moet elke werkgever om toestemming vragen en maandelijks de informatie verstrekken die daarmee samenhangen. Hou hierbij in de gaten dat een uitzendbureau voor de ATW niet beschouwd wordt als werkgever voor het personeel waarvoor bemiddeld wordt. Dus de werknemer in dienst van RAV1 zal, als hij door het uitzendbureau wordt uitgezonden naar RAV2, informatie moeten verstrekken aan zowel RAV 1 als aan RAV2. Beide werkgevers moeten de informatie bijhouden en bewaren. Een betrouwbaar uitzendbureau zal overigens ook om de werktijdgegevens vragen voordat een inzet tot stand wordt gebracht.

Hoe zit het met de zzp-er?

Voor een echte zelfstandige kent de Atw geen regels, behalve dan die werkzaam zijn op een booreiland, maar daar hebben we het hier niet over. Maar het kan zijn dat iemand vanuit een eigen firma zich verhuurt om les te geven in een EHBO- of reanimatie- opleidingsinstituut of als zelfstandige meewerkt aan een BHV-opleiding. In dat geval heeft de Atw dus geen normering, maar wel als de persoon hetzelfde doet als uitzendkracht. Dan is het weer gewoon een werknemer. In deze gevallen zijn het wel nevenwerkzaamheden waarvan de Cao zegt dat er toestemming voor gevraagd moet worden. Het zou niet onverstandig zijn om dan aan deze werkzaamheden voorwaarden te verbinden, zeker wanneer rusttijden in het gedrang kunnen komen.

Mijns inziens voldoen werkzaamheden als ambulanceverpleegkundige of -chauffeur bij een RAV niet aan de criteria die gesteld kunnen worden aan de zzp-er. Wat mij betreft mag het dus niet voorkomen dat er binnen een RAV zzp-ers in deze functies werkzaam zijn.

Hoe zit het met de vrijwilliger?

Ook voor niet betaalde nevenwerkzaamheden moet toestemming gevraagd worden. Denk hierbij ook aan bijvoorbeeld de Stichting Ambulancewens. Vrijwilligers zijn gedeeltelijk vrijgesteld van de bepalingen van de Atw. Het betreft de normen van de Atw, beleids-, mededelings-, en registratieverplichting en de medezeggenschapsaspecten. Die arbeidstijden hoeven dus niet opgeteld te worden bij het reguliere werk. Ook hiervoor geldt dat er toestemming voor gevraagd moet worden en wellicht kunnen er ook aan dit werk voorwaarden worden verbonden, zeker wanneer rusttijden in het gedrang kunnen komen.

Uitzendkrachten, gedetacheerden en zzp-ers?

In de cao wordt verduidelijkt dat inzet van bedrijven die personeel uitzenden/detacheren tot het uiterste beperkt moet worden. Er geldt dus een inspanningsverplichting voor de werkgevers. Bovendien zal de werkgever vooraf moeten nagaan of diensten waarvoor inzet nodig is niet vervuld kunnen worden door het eigen vaste personeel. Het is logisch dat de ondernemingsraden dit kritisch moeten volgen.

Problemen met inroostering van de nevenwerkzaamheden?

Een voltijd dienstverband is 36 uur per week gemiddeld wanneer niet in aanwezigheidsdiensten wordt gewerkt. Op individuele basis kan dat worden opgehoogd naar 40 uur per week.

Dat maakt de ruimte voor nevenwerkzaamheden van de ambulancemedewerker ten opzichte van de Atw beperkt, zeker als ook in de nacht gewerkt pleegt te worden. In 16 weken met 16 of meer nachtdiensten kan, in het eerste geval, 64 uur uur worden bijgeklust, en in het tweede geval dus niets als ook daadwerkelijk 40 uur gemiddeld wordt ingeroosterd!

Bij het geven van avondcursus zal niet alleen de dagelijkse rusttijd in de gaten gehouden moeten worden, maar ook de arbeidstijd per dienst als betrokkene op die dag ook nog ingezet is.

De wekelijkse arbeidstijd zal meestal geen probleem zijn omdat volgens de Atw 60 uur per week mag zijn.

Dit soort checks kan uitgevoerd worden door een daartoe ingericht roosterprogramma waar dus naast de reguliere diensten ook de nevenwerkzaamheden ingevoerd kunnen worden. In de Arbocatalogus is als praktijkvoorbeeld genoemd de roostersoftware die onder andere gebruikt wordt door AmbulanceZorg Limburg-Noord en Veiligheidsregio Kennemerland. Wellicht dat daarbij ook het zelfroosteren in beeld kan komen.

1 REACTIE

  1. Nevenfuncties worden steeds vaker punt van discussie.
    Als nevenfuncties een belangrijk deel gaan uitmaken van iemands leven, dan moet diegene eens ernstig achter zijn oren krabben. Waar ben ik eigenlijk mee bezig.
    Rusttijden zijn niet voor niets uitgevonden en zijn bedoeld voor bescherming van de werknemer.
    Oververmoeidheid en allerlei daaraan gerelateerde klachten kunnen het ambulancewerk sterk beinvloeden. Gezien de zorgvuldigheid die men behoort te betrachtten in, en de complexiteit van de ambulancezorg, moet iedereen zijn eigen verantwoording durven (!) nemen.

Comments are closed.