Home Algemeen Algemeen LVAD, “Linker Ventrikel Ondersteunings Apparaat”

LVAD, “Linker Ventrikel Ondersteunings Apparaat”

3129
0

Een Steunhart is de Nederlandse benaming voor een LVAD, de afkorting voor Left Ventricular Assist Device. Letterlijk vertaald is dit “Linker Ventrikel Ondersteunings Apparaat”

Waar eerder een dergelijke oplossing alleen in het ziekenhuis plaats kon vinden, is het dankzij de laatste ontwikkelingen mogelijk om met een mechanische ondersteuning van het hart een redelijk normaal leven te leiden in de eigen thuis-omgeving.

Wat is een LVAD/ Wat is een Steunhart?
Een Steunhart is de Nederlandse benaming voor een LVAD, de afkorting voor Left Ventricular Assist Device. Letterlijk vertaald is dit “Linker Ventrikel Ondersteunings Apparaat”

Waar eerder een dergelijke oplossing alleen in het ziekenhuis plaats kon vinden, is het dankzij de laatste ontwikkelingen mogelijk om met een mechanische ondersteuning van het hart een redelijk normaal leven te leiden in de eigen thuis-omgeving.

Hoe werkt een LVAD?
Een LVAD wordt geïmplanteerd op het moment dat het hart niet sterk genoeg meer is om het bloed rond te pompen, eindstadium hartfalen.

In het animatiefilmpje hieronder wordt een duidelijke uitleg gegeven over de functie van het hart, wat er gebeurt bij hartfalen en hoe de LVAD geïmplanteerd wordt.

Het pompje, dat in het lichaam geplaatst wordt en een verbinding vormt tussen de linker kamer en de aorta, zorgt ervoor dat het lichaam weer de juiste doorstroming van het bloed krijgt.

Normaal gesproken verzorgt het hart de bloedsomloop met behulp van een pulserende beweging. Het ‘kloppen’ van het hart voel je in de slagaders van het lichaam. Doordat het pompje een continue doorstroming verzorgt, heeft een drager van een LVAD geen voelbare polsslag meer.

Het geheel werkt op elektriciteit. De aansturing van de elektriciteit vind plaats buiten het lichaam. Het pompje is verbonden met een kabel, de tube of driveline, die door de buikwand naar buiten komt.

Deze driveline is aangesloten op een controller die het toerental van de pomp verzorgt en een geluids- en lichtsignaal afgeeft wanneer dit nodig is. De controller verzorgt ook de verbinding naar de energiebron, twee batterijen die op het lichaam meegedragen kunnen worden, of een apparaat dat aangesloten is op het lichtnet. Dankzij de batterijen, is het mogelijk het dagelijkse leven weer op te pakken en volledig mobiel te zijn. Het apparaat dat op het lichtnet zit wordt in de nacht gebruikt zodat er geslapen kan worden met een constante toevoer van stroom.

Welke soorten LVAD worden in Nederland geïmplanteerd?
In Nederland worden twee types LVAD geïmplanteerd.
Op dit moment is de Heartmate II van de firma Thoratec de meest geplaatste LVAD. Deze wordt onder het middenrif in de buikholte geplaatst. Vanaf medio 2004 is deze in gebruik genomen en  wereldwijd zijn er inmiddels meer dan 10.000 geplaatst. Hier is op dit moment dan ook de meeste ervaring mee.

De HVAD van de firma HeartWare is een nieuwere en compactere LVAD. Dit steunhart is vooralsnog de kleinste pomp die bij volwassenen geïmplanteerd wordt. Doordat dit pompje in het hartzakje geplaatst wordt, behoeven er geen openingen in de middenrif gemaakt te worden.

In 2009 kreeg deze LVAD een goedkeuring om gebruikt te worden als ‘Bridge to Transplant’. In mei 2012 waren er wereldwijd al meer dan 2.000 geplaatst.

Welke ziekenhuizen in Nederland implanteren de LVAD?
Deze ingreep vind plaats in de transplantatiecentra die we in Nederland kennen met bovenaan het UMC-Utrecht waar de meeste implantaties plaats vinden. Als goede tweede het Erasmus Ziekenhuis in Rotterdam. Sinds 13 juli 2011 heeft ook het UMC Groningen vergunning gekregen tot implantatie. De verwachting is dat in de loop van 2012 hiermee begonnen zal worden.

Het LUMC in Leiden is een experiment begonnen om mensen die niet in aanmerking komen voor een transplantatie te behandelen met een LVAD, dus als Destination Therapy. De kosten die hierbij komen kijken zijn in dit geval voor rekening van het ziekenhuis. Het LUMC is geen transplantatiecentrum

LVAD en ambulancezorg
Binnen het LPA8 is een nieuw protocol te vinden, specifiek voor patiënten met een LVAD.

De meldkamer ambulancezorg (MKA) wordt voor ontslag uit het ziekenhuis op de hoogte gebracht en maakt een afspraak op lokatie (AOL): een zogenoemde adresmelding in GMS zodat bij een melding op deze lokatie een bericht verschijnt dat daar een patiënt woonachtig is met een steunhart. Tevens ontvangen de MKA’s het telefoonnummer van de 24-uurslijn van het LVAD centrum dat direct gebeld kan worden indien zich een calamiteit/medische noodsituatie voordoet. Bij calamiteiten belt de patiënt of diens omgeving de steunhartcoördinator, voor zover dat op dat moment natuurlijk mogelijk is. De steunhartcoördinator neemt vervolgens contact op met de MKA en vraagt of een ambulance ter plekke kan gaan
waarbij de steunhartcoördinator het ambulancepersoneel telefonisch instructies geeft. Noodzakelijke handelingen kunnen in overleg plaatsvinden en de keuze voor het vervoer naar een bepaald ziekenhuis kan besproken worden.

Zorg door ambulanceteam
Door alle bovengenoemde maatregelen is goede zorg op het huisadres verzekerd. De situatie verandert als een patiënt zich publiekelijk verplaatst en er een medische noodsituatie ontstaat. Bij trauma of collaps waarbij de patiënt alleen is, zal het ambulanceteam in eerste instantie niet vanaf de buitenkant kunnen waarnemen dat het een steunhartpatiënt betreft.
De pomp is niet hoorbaar zonder stethoscoop.
Bij alle zorgverleningen is het essentieel zo snel mogelijk het telefoonnummer te bellen dat op de systeembesturing vermeld staat

voor overleg met het betreffende interventiecentrum.
• Bij een goed aanspreekbare patiënt wordt gehandeld zoals besproken met de verantwoordelijke over de interventietelefoon.
• Bij het vrij maken van de thorax voor lichamelijk onderzoek met behulp van de crashschaar moet men oppassen voor de ‘drive-line’! Check eerst snel door middel van het gangbare ‘kijken, luisteren, voelen’ of er externe apparaten zijn aangesloten op de patiënt.
• Bij (dreigende) collaps de patiënt direct in Trendelenburghouding leggen en op geleide van het resultaat, bij een bloeding, intraveneuze of intra-ossale vulling toedienen.
• Defibrilleer (synchroon) bij VT/ VF als Trendelenburghouding geen effect heeft op het afwezige bewustzijn.
• Thoraxcompressies worden in principe nooit uitgevoerd.
• Bij overlijden of reeds overleden steunhartpatiënten is naast de lokale afspraken overleg met de interventietelefoon belangrijk. De kans is aanwezig dat de overleden patiënt voor uitnemen van het steunhart en verder onderzoek naar het interventiecentra overgeplaatst moet worden.
Beoordeel dit artikel