Home Algemeen Algemeen Is dat eigenlijk wel ambulancezorg? Een Kerstoverdenking.

Is dat eigenlijk wel ambulancezorg? Een Kerstoverdenking.

1681
4

Vorige week werd ik op de MMA telefoon gebeld door een collega die, net zoals ik, inmiddels behoort tot de steeds kleiner wordende groep van oudgedienden.

Hij vertelde me dat hij samen met zijn collega ACH en een derde collega in opleiding, door de MKA was ingezet om een terminale patiënt van de 1e verdieping naar beneden te tillen om op bed in de huiskamer te overlijden. Het was een verzoek wat via de huisarts was gedaan.

Hij gaf aan dat zijn hart er goed genoeg voor was maar dat “wij ons wel afvragen of dit eigenlijk wel ambulancezorg is”.

Na kort overleg kwamen wij samen tot de conclusie dat de gevraagde tilassistentie zou worden gegeven, al dan niet samen met een paar sterke armen van de brandweer.

En zo geschiedde.

Toen ik vanmorgen wakker werd en lag te wachten op de de wekker, schoot het bovenstaande me te binnen en rees de vraag hoe het zo is gekomen dat een ambulancezorgverlener steeds vaker wordt geconfronteerd met de genoemde vraag. Is het niet de collega zelf die zich de vraag stelt dan is het een andere collega in het team of aan de koffietafel.

Deze vraag werd in mijn beginjaren als MMA niet of nauwelijks gesteld terwijl het er wel op lijkt dat deze nu vrijwel dagelijks wordt gesteld.
Is het niet de 112 beller dan is het wel de huisarts of de GGZ medewerker die aanleiding is voor veel ambulancezorgverleners om de vraag, vaak hardop, te stellen.

“Dit is geen ambulancezorg” of “de paraatheid komt in gevaar” of “je zult maar net een hartinfarct krijgen en de laatste ambu wordt ingezet voor zo’n k*t klus” en veel variaties hierop.

Hoe komt het dat een collega wiens hart er goed genoeg voor is tóch bij mij wil checken of het eigenlijk wel ambulancezorg is om een terminale patient naar zijn sterfbed over te helpen tillen?

Hoe komt het dat andere collega’s mopperen als ze een hele dienst alleen maar naar eigen zeggen aan de koffietafel “onzin ritten” hebben gereden?

Hoe komt het dat er dagelijks spanningen bestaan tussen collega’s (!) van de MKA en van de rijdienst over de juistheid van triage en inzetbeslissingen?

Wat is er veranderd de afgelopen 18 jaren?

Geen vragen die ik zo maar in de luwte van een warm bed in de paar minuten vóórdat de wekker afliep definitief kon beantwoorden dus heb ik ze meegenomen in mijn kerstoverdenking.

Ik ga er van uit dat álle collega’s van onze ambulancedienst als het er op aan komt in dit vak terecht zijn gekomen omdat ze een hulpverlenershart hebben en hun medemens willen helpen.

Dat hulpverlenershart komt blijkbaar steeds vaker in de verdrukking en dat uit zich in zorgen over de juistheid van inzet en vertaalt zich soms ronduit in frustratie en gemopper.
De oorzaken van dat in de knel komen zijn complex en helaas niet op te lossen immers, wat kunnen wij doen aan vergrijzing, versobering van de zorg, het wegvallen van mantelzorgsystemen, toenemende individualisering en verharding van de samenleving?

Wat kunnen wij doen aan bovenstaande demografische- en maatschappelijke stenen die van de helling af rollen behalve er voor zorgen niet verpletterd te worden?

Hoe voorkomen we dat we uit onmacht verzuren of elkaar oncollegiaal gaan behandelen?

Vragen, vragen en nog eens vragen die gelukkig pas later in de ochtend in mij opkwamen en niet net voor het in slapen gaan want anders had ik de hele nacht wakker gelegen.

Bij het zoeken naar het begin van een antwoord op al die vragen denk ik dat het belangrijk is om met elkaar vast te stellen dat een aantal zaken buiten ons om en over ons heen worden geregeld en we er dus mee moeten leren leven.

Dat we de idee moeten loslaten dat het leven, privé of professioneel, maakbaar is.

Dat we leren accepteren dat we als, zoals ik vaak zeg, medics in de loopgraven van de samenleving, als vangnet onder een krakend zorgsysteem, niet alleen de eerste hoop zijn maar in toenemende mate daadwerkelijk de laatste hoop zijn voor medemensen in nood.

Voor de terminale patient die gaat sterven en die naar bed op de begane grond moet worden getild.

Voor de frequente 112 beller met een doodswens.

Voor de vereenzaamde bejaarde die naar het ziekenhuis moet en niemand heeft om daarbij te helpen.

Voor de overbelaste huisarts of GGZ medewerker die het water over de schoenen loopt.

Als wij het niet doen, wie dan wél?

Ja maar
Ja maar
Ja maar…..

Inderdaad kan ik allerlei mitsen en maren aanbrengen op het bovenstaande maar dat verandert niets aan het feit dat de realiteit, zeker op korte termijn, niet zal veranderen.

Natuurlijk moeten we zo efficient mogelijk omgaan met onze steeds schaarser wordende middelen.

Natuurlijk moeten we slimme listen bedenken om te voorkomen dat, net zoals bij onze overburen in Engeland, 20 spoedmeldingen in de wacht staan of 125 patienten in de gang van de Eerste Hulp staan te wachten op een arts (kijk vooral eens naar de programa’s “Ambulance” en “24-hours in A&E” op de zender TLC).

We moeten echter stoppen onze zorgen en frustraties op elkaar af te reageren in het besef dat we allenmaal (!) aan dezelfde kant staan met onze laarzen in de modder van de loopgraven: de MKA centralist, de rijdienst en de kantoormedewerkers. Ieder met zijn eigen inzichten, kennis, kunde, beperkingen, angsten en hoop.

In het besef dat we allemaal gekozen hebben voor de ambulancezorg omdat we een zorghart hebben.

In het besef dat we radertjes in het geheel zijn en het met elkaar zullen moeten zien te rooien in het belang van de mensen die onze hulp nodig hebben.

Of ze nu een acute hartstilstand hebben of een chronische depressie.

Laten we daarom in 2019 iedere keer als we bij ons zelf de vraag willen stellen “is dit eigenlijk wel ambulancezorg” de vraag aanpassen in “waarom zou dit geen ambulancezorg zijn” zodat we ons zorgverleners hart weer wat meer lucht geven en daarmee weer de ogen kunnen openen voor het goede wat we doen voor iedere medemens die op ons professionele pad komt: collega en hulpvrager.

Is dat eigenlijk wel ambulancezorg? Een Kerstoverdenking.
4 (80%) 31 beoordeling(en)

4 REACTIES

  1. Hallo

    “belangrijk is om met elkaar vast te stellen dat een aantal zaken buiten ons om en over ons heen worden geregeld en we er dus mee moeten leren leven.”
    Heerlijke dooddoeners van managers

    Laten we daarom in 2019 iedere keer als we bij ons zelf de vraag willen stellen “is dit eigenlijk wel ambulancezorg” de vraag aanpassen in “waarom zou dit geen ambulancezorg zijn”
    Omdat andere partners in de ketens eens hun verantwoordelijkheid moeten nemen en beter moeten nadenken en zich er niet zo makkelijk vanaf moeten maken om maar een “taxi” te bestellen(huisartsen,ggz)

    De maatschappij moet eens op zijn verantwoordelijkheid worden gewezen, dit is een mooie taak voor de Azn in combinatie met de overheid
    De maatschappij wordt harder dus waarom wij niet?

    Nu werk ik in een plattelandsgemeente, maar in de grote steden is het wss nog erger.

  2. Geachte heer de Nooy.
    Supergoed artikel en u slaat de spijker op zijn kop. Wat is een onzin rit nu eigenlijk echt ? En hoeveel onzinritten worden er nu daadwerkelijk gedaan? Natuurlijk, als ambulanceteam heb je soms het gevoel dat je het afvoerputjes van de zorg bent. Waar niemand meer raad weet.. bel dan de ambulance maar. Enerzijds kan dat heel erg frustrerend zijn, tegelijkertijd is dit inmiddels inherent aan de functie op de auto. Wij staan midden in de samenleving, op elk niveau. En ja soms betekent dat dat iemand 112 belt met algehele malaise maar eigenlijk eenzaam is. En als de MKA er ook niet goed uitkomt, natuurlijk moeten wij dan rijden. En is het dan te veel gevraagd om een 82 jarige in bed te leggen met een goed gesprek en een beker warme melk? Of een gesprek achterin de auto over het doodgaan bij een terminale patient? Is dat dan geen ambulancezorg? Het plaatje naar buiten gaat natuurlijk altijd over “de helden van 112”, over spoed en zwaailichten. En ja dat zijn wat mij betreft ook de aantrekkelijkste kanten van het vak. Maar ik moet er niet aan denken dat wij de zachte kanten van de ambulancezorg moeten gaan missen. Misschien moet de ambulancezorg ook zijn eigen beeldvorming wat meer bijstellen naar de realiteit. Namelijk dat een groot deel van de zorg over niet-spoed gaat, maar over eenzame, zieke of bange mensen. Ik vind dat geen onzinritten en ik ben blij dat ze ook tot ons zorgpalet behoren.

  3. hallo jan ik heb een paar keer jullie nodig gehad ,en ik heb nog nooit zulke lieve mensen gehad die me gerust stelden ik weet dat je nu denkt dat is ons werk maar je moet het toch in je donder hebben om zo met mensen om te gaan,dit is wat ik kwijt wilde jan voor mij zijn jullie allemaal KANJERS een fijne feestdagen en tot volgend jaar .

  4. Hallo Jan
    Wat een prachtig artikel. Dit zijn de casussen waarvoor ik toen in het vak ben gegaan.
    Met vriendelijke groet
    Driekes van der Weert

Comments are closed.