Home Algemeen Algemeen Hij kwam, die “vreselijke” nachtdienst

Hij kwam, die “vreselijke” nachtdienst

6866
4

Het is weekend mijn dienst van 12 uur is begonnen.

Ik controleer de ambulance en we melden ons bij de meldkamer in.

De centralist wenst ons een fijne dienst. Maar dat die “zo” zou verlopen, dat had ik vooraf niet kunnen bedenken.

We starten de dienst met zoals we het wel zeggen, de standaard ritjes, pijn op de borst en een zieke meneer die thuis niet opknapt van de antibiotica, die hij krijgt voor een pneumonie.

We mogen even pauzeren op de post, onder het genot van een kopje thee zitten we ondertussen naar het journaal te kijken……….

De pieper gaat we haasten ons naar de ambulance, we gaan op weg naar een verkeersongeval op de snelweg. Aangekomen betreft het een vader en zoon van 12 jaar. Via de berm zijn ze frontaal gebotst met de auto op de vangrail, ik vecht voor het leven van deze jonge jongen. Hij lijkt verward en heeft het druk met “krabby”, geen flauw idee waar hij `t over heeft. Ik probeer hem gerust te stellen. De politie staat mij bij, vraagt nog even door op “krabby” zodat ik een infuus kan prikken en pijnstilling kan toedienen. Ineens zegt de politie: “ik was er al bang voor, maar ik geloof echt dat het hier om de pokemonhype gaat”. De jongen weet te vertellen voordat hij geintubeert gaat worden dat hij een “krabby” zag zitten in de auto, op het dashboard en even later op het stuur. “Ik wilde hem pakken maar het lukte niet, papa ging slingeren……” met een diepe zucht valt hij in slaap en zal hij met een tube naar het ziekenhuis gebracht worden.

Een indrukwekkende rit, we moeten al snel weer door. We schakelen over tot het protocol 9.2, patiënt is verward, het zou om een dreigende psychose gaan. Aan ons de eer om de patiënt naar een GGZ instelling te brengen. Het gaat om een jongeman van ongeveer 20 jaar oud. Zijn moeder verteld; “het gaat niet meer thuis hij is al een aantal nachten op jacht, hij kan er niet mee stoppen, ze zitten ook echt overal”. Ik, nog deels met mijn hoofd bij de vorige rit, hoe t met de jongen van het ongeluk zou gaan, denk ik bij het verhaal van deze moeder, ach het zal allemaal wel. Verward klinkt het in iedergeval. Gelukkig wil hij zonder dwang of gedoe met ons mee in de ambulance. Eenmaal op de brancard breekt de hel los hij ziet ze overal zitten, hij slaat om zich heen, maakt de riemen los, “zijn telefoon” hij blijft er om vragen, die zijn moeder inmiddels heeft ingenomen. Ik vlucht de ambulance uit. De jongen staat op de brancard en slaat om zich heen….. Ik denk ” help wat moet ik hier mee”. Eerst die telefoon maar terug naar die jongen , wie weet helpt kan hij ze vangen en wordt hij weer rustig en anders maar de Midazolam er in. Want dit werkt zo niet, een opname die is wel terecht. Zwetend draai ik me om, gelukkig de telefoon doet wonderen, hij verslaat alle figuren die we tegenkomen. Als de ambulance weer pokemonfiguren vrij is, gaat hij over op figuren tellen. Ik hoop dat we er zo zijn, want hoeveel zijn er wel niet van die idiote figuren honderd, twee honderd, waaattttt……als we bij de GGZ instelling zijn is hij bij de zeshonderd. Hoe is het mogelijk hij lijkt ze allemaal te kennen. Hopelijk krijgt hij hier even rust van Pokemon.

De rust is ver te zoeken, ik voel me moe maar ik moet door. Nog een melding een moeder belt met de huisartsenpost, Moeder is in paniek en met de thuissituatie aan. Zij maakt zich zorgen om haar dochter. Haar dochter zou compleet overstuur zijn, via de huisarts worden wij gestuurd. Inhoudelijk kan ik niks met de melding, dus we gaan het wel beleven. Inmiddels midden in de nacht, aangekomen zie ik de moeder in de deuropening staan, ze verteld dat ze er ook nog alleen voor staat, vervolgens niet meer weet hoe ze haar dochter moet troosten. Ik loop alleen naar haar kamer, bij het piepen van de slaapkamer deur geeft ze een gil…….’ga weg,kijk daar daar zit weer een”‘ ik vraag wat zit daar dan …….o nee denk ik weer pokemon figuurtjes. Ik ga willekeurig mijn telefoon in zetten en zet de aanval in. Ik vraag aan haar waar ze zitten, ze heeft geen telefoon maar ze weet ze zo aan te wijzen. Ik heb het spel niet op de telefoon maar doe maar als of, ik klik op mijn camera, ze trap er in en zo vangen we samen een aantal figuurtjes. Het lijkt of ze een nachtmerrie heeft. Ik zeg zo meid ik heb al zes gevangen…..zie je nog eentje? “onder mijn bed, onder mijn bed zitten ze ook…..” oké ik ga op mijn knieeen en kruip onder het bed…..”ja” roep ik, ik heb ze gevangen hoor! Het is stil en blijft stil. Ik kijk verschrikt op ze ligt heerlijk in bed, duim in de mond en ze ligt rustig te slapen.

Ik geef haar een aai over de bol, welterusten meid, lekker slapen. Ze mompelt “welterusten”

Ik loop naar beneden ik stel moeder gerust, hoe doet u dat dokter, ach weet u leg een telefoon op haar nachtkastje dan denk ik dat ze voortaan rustige nachten heeft. “Een telefoon? maar ze is nooit alleen thuis”;zegt moeder, ik stel haar gerust daar gaat het niet om, probeer het maar en geloof er in dat het goed komt. Ze bedankt mij, maar ook zij begrijpt er niet veel van, evenmin wat ik er van begrijp.

En dan ineens een grote knal, ik voel mij paniekerig met zweet op het voorhoofd zit ik recht op. Het is de aflos, de collega ’s komen binnen, ik voel me moe en verward ik heb geslapen wat een hectiek die fictieve wereld, met mijn hoofd onder de koude kraan probeer ik weer tot de werkelijke wereld door te dringen. Ik bedenk gelukkig was dit fictief, ik heb ontzettend liggen te dromen in de stoel op de post. En is het na de standaard ritjes gewoon een rustige dienst gebleven.

Mijn collega vraagt of ik een spook heb gezien, je ziet er niet uit……ik heb een binnenpretje, “och” zeg ik het zal het gevolg van mijn dutje wel zijn. Ik moet nog even wakker worden.

Ik fiets na een bakje koffie naar huis, ik laat de droom nog even de revue passeren het is niet de vraag of zoiets zal gaan gebeuren maar wanneer er iets gaat gebeuren met deze opkomende pokemonhype. Onderweg naar huis zie ik al vroeg kinderen buiten en jawel met een mobieltje. Niet binnen zittend achter een computerspelletje maar heerlijk naar buiten. “Tring, tring” denk er om jongens, wel op het voetpad blijven” ;roep ik ze vrolijk na. “Sorry mevrouw” roepen ze me na. Vakantietijd is aangebroken, even hoeft er niet gestudeerd te worden, maar gaan men massaal op jacht naar de pokemonfiguurtjes. Jongeren zijn weer meer aan het bewegen. Hoe fijn is dat, een hele geruststelling voor velen. Kinderen die het lastig vinden om te communiceren praten ineens met de mensen op straat, hoe mooi kan t zijn ook al is het via zo’n mistrieus poppetje……..zo zie je maar alles heeft twee kanten, met een glimlach duik ik even later mijn bed in……en wens me zelf heerlijke (droomloze) slaapuurtjes toe.

Vorig artikelNZa jaagt ambulances op
Volgend artikelNationaal Ambulance en Eerste Hulpmuseum
Gerda Boonstra
Met veel plezier schrijf ik op persoonlijke titel blogs. De verhalen kunnen gebaseerd zijn op waargebeurde verhalen, maar zullen in verband met het beroepsgeheim fictief zijn weergegeven. Ik schrijf verhalen met als doel collega's uit het vak te informeren en kennis te nemen van mijn ervaringen. In het dagelijks leven werk ik met veel passie en plezier bij Ambulancezorg Groningen. In 2000 ben ik begonnen in de acute hulpverlening als ambulanceverpleegkundige en ben inmiddels ook inzetbaar als OvDG. In 2015 heb ik daarnaast de forensisch verpleegkundige opleiding met succes afgerond, wat een leuke en nuttige verruiming was binnen mijn vak. Met mijn blogs laat ik jullie ook meekijken door mijn/een forensische bril in de acute hulpverlening.

4 REACTIES

  1. Mooi omschreven door een vrouw die een super ambulance verpleegkundige en allround hulpverleners is. Topper?

  2. Mooi vertelt door een gedreven en ervaren verpleegkundige en een bijzonder fijne vrouw

  3. Prachtig verhaal gerda! Benieuwd wat mij allemaal staat te wachten. 😉 tot binnenkort als collega’s

Comments are closed.