Home Algemeen Algemeen Een weekend van aannames

Een weekend van aannames

1791
0

Zittend in de zon, zit ik zoals zo veel mensen te genieten van het mooie weer. Er komen veel fietsers voorbij, een enkeling groet ons en wensen ons een goede dienst.
Onder het genot van een kopje koffie wachten we af wat deze dag ons zal brengen.
Met op de achtergrond het lawaai van kinderen uit het openlucht zwembad, gaat dan toch onze porto.
Wij krijgen een melding van een waterongeval bij een natuurplas. Het klinkt ernstig. Iemand zou ademhalingsproblemen hebben. Hij zou door omstanders uit het water gehaald zijn.
Aanrijdend, vliegen er allerlei scenario`s door ons hoofd, we gaan maar van het ergste uit.
Aangekomen komen bij een bruggetje grenzend aan een grote waterplas zien wij mensen zwaaien. Dat is een duidelijk gebaar, daar zal het vast zijn.
Ik stap uit en loop richting de mevrouw die aangeeft dat we daar moeten zijn. Ze is erg onder de indruk wat er heeft plaats gevonden. Ik loop met haar mee naar de bewuste jongeman, ze komt moeilijk uit haar verhaal, ik leg mijn hand op haar schouder en zeg haar “rustig maar, wij zijn er nu en nemen de zorg van u over, vertel maar wat u weet”
Mevrouw kalmeert en vertelt ons dat een groep jongens van de brug afsprongen, wat de hele middag al gedaan wordt in verband met het prachtige zomerweer.
Ineens zag ze deze jongeman waar het omgaat, plat op de borst terecht komen op het water. Ze hoorde een enorme klap en mevrouw had gelijk een niet pluis gevoel. Ze probeerde te volgen waar deze jongeman en hoe hij boven zou komen uit het water. Al snel zag ze hem boven het water uit komen, op zijn buik met het gezicht in het water. Mevrouw bedacht zich niet en sprong in het water en heeft deze jongeman uit het water gehaald. Aan de kant waren vele andere mensen die kwamen helpen, waarop ook 112 is gebeld.
Op de kant kwam deze jongen weer bij kennis, eerst wat verward en zou erg blauw gezien hebben.
Ik geef mevrouw mee dat ze erg goed gehandeld heeft en bedank haar voor het verhaal en zeg haar dat ik goed voor hem te gaan zorgen.
Het betreft een buitenlandse jongeman, met handen en voeten proberen we hem duidelijk te maken, dat wij voor hem komen en hem medische zorg willen geven. Hij geeft zich over en gaat rustig op de brancard liggen, een blaastest is niet nodig, we ruiken zo ook wel dat hij genoeg alcohol genuttigd heeft. Van zijn kameraad begrijpen wij dat hij niet kan zwemmen.
We nemen deze jongeman gezien het verhaal, de taalbarrière mee voor nader onderzoek naar het ziekenhuis.
Bij de overdracht in het ziekenhuis zegt de arts zelfverzekerd; “Oké duidelijk verhaal, dit is een suïcide poging.”
Ik kijk haar verbaasd aan en vraag haar nog een keer wat ze zei.
Ze blijft stellig, hij heeft en gedronken, kan niet zwemmen en springt van een brug dan weet je dat je gaat verdrinken dus het is: ‘Suïcide”. Ik schrik van haar uiting en laat het er niet bij zitten. Ik probeer haar te laten beseffen dat deze populatie buitenlanders, niet de gevaren kent van water. Zij alcohol drinken midden op de dag heel normaal vinden. Zij met een groep jongens erg veel plezier hadden bij een waterplas en dat zij al meerdere keren van de brug afgesprongen hadden, alleen nu helaas verkeerd terecht was gekomen. De andere arts springt mij bij, en vind de opmerking van zijn collega ook niet op de plaats.
Terug rijdend naar de post ben ik nog onder de indruk van deze aanname, ik zeg tegen mijn collega beetje gekscherend “wat een casus was het zeg, we waren bijna getuige van een massamoord bij de brug op deze mooie zonnige zomerdag”.
We schieten beiden in een lach, ja zo kun je wel met een mooi verhaal thuis komen.

`s Middags gaan we met spoed naar een autocross wedstrijd. Hier zou een jonge coureur ernstig trauma letsel hebben.
Aangekomen hoor ik het verhaal aan van een EHBO’er ter plaatse, deze is zeer onder de indruk hoe het ongeval er uitzag. De crossauto is op de verkeerde punt van de auto geraakt door een andere auto, waardoor hij over de kop is geslagen.
Als ik vraag hoe het nu is met het slachtoffer, krijg ik niet een duidelijk feitelijk beeld. Alleen dat de bloeddruk niet te meten is.
Ik loop naar de gecrashte crossauto met stalen kooiconstructie waar niets aan te zien is qua schade. Er zit een jongeman in, bij wie het hoofd netjes wordt vast gehouden.
De jongeman is mij voor in het begroeten, “he, he ben je daar eindelijk!” Ik moet lachen en zeg vertel eens wat is er met je gebeurt. In gedachten denk ik, volgens mij valt dit enorm mee. De jongen verteld, in de strijd naar de finish ging het mis en heb een koprol gemaakt. Iedereen was gelijk in paniek. Ik moest blijven zitten, mocht niks doen, ik wou zeggen ik heb nergens last van toen werd mij zelfs het zwijgen opgelegd. Ik dacht laat maar dan blijf ik wel zitten, deze strijd verlies ik toch. Maar zegt hij met u kan ik wel praten, wat zeg je ervan. Zal ik maar uitstappen, dan kan ik zo weer aan de start verschijnen. Heerlijk ik moet lachen, ik vraag hem na een nek rug inspectie eerst maar eens uit de goed beveiligde auto te stappen en te ontdoen van zijn persoonlijke beschermmiddelen. En dat ik hem dan toch nog even verder wil onderzoeken in de ambulance.
De conclusie na verder onderzoek is dat deze jongeman geen letsel overheeft gehouden. Ik geef hem zelf de keus of hij wel of niet weer aan de start gaat verschijnen.
De collega, schrijft nog even wat gegevens op en ik loop nog even naar de EHBO’er.
Ik geef aan dat het goed gaat met de jongeman, dat de kooiconstructie en alle goede persoonlijke beschermmiddelen veel ellende bespaard heeft binnen deze tak van sport.
De EHBO’er zegt hier op, ‘ja maar het leek zo ernstig dus ik ging er van uit dit is zo ernstig en ik kon geen bloeddruk meten. Ik leg uit dat een bloeddruk ook niet te meten is over een motorpak heen. Ik geef haar mee, ondanks wat ze gezien heeft, de patiënt niet uit het oog moet verliezen. Als zij deze jongeman de kans had gegeven uit te leggen dat hij zich goed voelde en rustig een check van de vitale functies had gedaan, deze hulpverlening heel anders was gelopen.
De brandweer en de ambulance misschien zelfs wel uitzicht waren gebleven.

Mijn collega had het terrein alweer verlaten, ik loop langs de start van de crossbaan, en ja wel wie zien we staan de jongeman hij knipoogt en steekt zijn duim op. Ik moet glimlachen en steek een duim op, ik wens hem veel succes.

Opgeteld een zorgelijk weekend met aannames.
Zelf ben ik er wel wakker van geschut.
Hoewel ik mij ook besef dat we het allemaal doen, ook ik kan in deze valkuil terecht komen.
Na dit weekend ben ik er weer erg bewust van wat gevolgen er van kunnen zijn, bedenkend dat deze bewust wording straks ook weer vervaagd, laten we daarom elkaar helpen en er op te wijzen helder en feitelijk te blijven nadenken en te handelen, om veel narigheid te voorkomen.

“je eigen aannames zijn de ramen waar je door kijkt. Maak ze af en toe schoon. Anders komt het licht niet binnen “ (Michelangelo)