Home Algemeen Algemeen Als reanimeren niet lukt…

Als reanimeren niet lukt…

3309
4

Steeds meer mensen leren reanimeren. Mijn kinderen leren het op school; geweldig! Helaas is het verwachtingspatroon rond een reanimatie vaak anders dan de realiteit; wat als het niet lukt? Ik heb zelf in het verleden als verpleegkundige het geluk gehad succesvol te kunnen reanimeren. Nu ondersteun ik als crisis interventionist rond situaties, waarbij dat niet lukt. In Duitsland is hiervoor 24/7 ondersteuning beschikbaar.

Mensen, die (langdurig) klachten houden na een schokkende gebeurtenis beschrijven vaak dat ze gedurende die gebeurtenis een extreem hoge mate aan gevoelens van machteloosheid en hopeloosheid ervoeren. Het antidotum voor deze gevoelens is eigenregie; wanneer mensen al tijdens de gebeurtenis een zekere mate van controle kunnen ervaren, nemen gevoelens van machteloosheid en hopeloosheid af. Kijk tijdens een reanimatie of je omstanders kunt betrekken, kunt activeren; geef commando´s en realiseer je dat deze wellicht medisch niet noodzakelijk zijn, maar op dat moment een preventieve functie hebben. Later kun je daarnaar terugverwijzen”U hebt geweldig geholpen, materialen aangereikt of de politie de weg gewezen etc.”

Reanimeren is topsport, zowel fysiek als mentaal. Tijdens het oefenen op de pop voel je dat, maar als je in een echte situatie terecht komt, neemt de adrenaline in je lijf het commando over. En dat is maar goed ook; een leven moet gered! Je zit zó in het ritme dat het commando om te stoppen meestal een aantal malen herhaald moet worden. Handen stoppen, beademen hoeft niet meer. De dood wordt vastgesteld.

Liefsten, naasten worden plotseling nabestaanden. Technisch gezien waren ze dat wellicht al, voordat de reanimatie werd ingezet, maar de compressies en de beademingen gaven hoop. Dat is mentaal heel ingewikkeld; ook bij nabestaanden schoot de adrenaline het lijf in en wellicht hebben ze zelf ondersteund. In de overlevingsstand is het moeilijk nadenken. Woorden komen maar beperkt binnen. Als er een politiecollega in de buurt is vraag ik deze de boodschap kort en duidelijk uit te spreken; Uw Liefste is dood. Is er geen politiecollega, dan is het raadzaam één ambulancemedewerker met deze opgave te belasten. Want belastend is het, voor iedere hulpverlener.

Van totale verstilling, katatonie, tot totale paniek; alle reacties zijn mogelijk, op zo´n moment. Zorg voor veiligheid, zonodig voor privacy, maar probeer emoties zoveel mogelijk toe te laten. Als er ontkenning is, dan moet dezelfde zin herhaald worden. Liefst door dezelfde persoon, op dezelfde manier; de persoon is dood. Niet “ingeslapen”, “niet meer te redden” of andere woorden, die enige ruimte voor subjectieve interpretatie bieden, op dat moment; de dood is rauw en hard. Het woord zelf is dat ook.

Een reanimatie, zeker een reanimatie die niet lukt, is een schokkende gebeurtenis. Het is normaal dat omstanders, burgerhulpverleners en hulpverleners zowel fysiek als mentaal reacties ervaren; gedurende de eerste uren door de afbouw van de adrenaline in je lijf, maar in de dagen en weken erna ook door de verhoogde cortisolspiegel, die je lichaam opbouwt, in een soort verhoogde staat van paraatheid. Cortisol is veel subtieler aanwezig dan adrenaline, maar het belast je lichaam.

Het is belangrijk mensen te informeren dat de afbouw van deze stresshormonen leidt tot reacties, die heel normaal zijn; het zijn normale reacties van normale mensen op een uiterst schokkende gebeurtenis. Mensen zijn niet ziek; reacties zullen bij de meeste mensen vanzelf afnemen. Bijgaande info(psychoeducatie)geven we regelmatig mee(taalgebruik aangepast aan doelgroep, maar inhoudelijk steeds dezelfde boodschap);

Voorbeelden van reacties, die we regelmatig zien

  • Cognitief; concentratie- en/of geheugenproblemen
  • Emotioneel; verdriet, woede, machteloosheid of juist afvlakking
  • Fysiek; spierklachten, hoofd- en/of buikpijn, verhoogde bloeddruk
  • Gedrag; terugtrekken of juist acting out, eetproblemen, alcohol/middelengebruik, slaapklachten
  • Spiritueel; vragen en twijfels over geloof, zingeving

Tips voor jezelf

  • Accepteer dat er even tijd/ruimte voor jezelf nodig is. Je bent weliswaar belast, maar niet ziek
  • Eet gezond, neem lichte, kleine porties, drink voldoende en pas op met cafeïne en alcohol
  • Lichaamsbeweging en (matige)sport helpen het lichaam stresshormonen af te bouwen
  • Stel grote beslissingen even uit
  • Vertel je naasten wat er aan de hand is, maar doe dat weloverwogen. Spreek open over de reacties, die je ervaart. Let op vertrouwelijkheid(als je hulpverlener bent), maar realiseer je ook dat de inhoud van een heftig verhaal anderen kan belasten(in vaktermen; er bestaat een risico op secundaire traumatisering).
  • Doe dingen, die jou normaal gesproken ook goed doen. Daarvoor bestaat geen universeel recept; de één geniet van ontspanningsoefeningen en de ander wordt er tureluurs van bijvoorbeeld.
  • Zoek, eventueel via de politie, de mensen op, die met jou reanimeerden; zij kunnen wellicht vragen beantwoorden en hebben hetzelfde meegemaakt; jullie zijn lotgenoten. Soms is er ook nabestaandencontact mogelijk; het is verstandig dit eerst met de politie voor te bespreken. En we plannen dit meestal ná de fase waarin de reacties het hevigst zijn.

Nemen de reacties na een week of vier niet af, dan is het raadzaam de eigen huisarts op te zoeken.

Nabestaanden ervaren, naast deze stressreacties, persoonlijk verlies. Het is belangrijk ook hen te informeren over het bovenstaande. De lange, zware weg van de rouw wacht. Maar soms kunnen stressreacties de deur naar de rouw behoorlijk blokkeren. De ervaring leert dat dat minder snel gebeurt, wanneer ook nabestaanden psychoeducatie ontvangen. Ook hier weer op maat; nogmaals; woorden komen maar beperkt binnen. Dus neem de tijd en laat schriftelijk wat info achter.

Soms is de situatie, die we aantreffen heel ingewikkeld. Als er bijvoorbeeld plotseling een mantelzorger overlijdt. Of wanneer nabestaanden verstandelijk niet (meer) in staat zijn de boodschap te begrijpen. Of wanneer er kinderen achterblijven. Ik heb een rugzak vol hulpmiddelen. Bind bijvoorbeeld een zwart rouwlint om een foto van de overledene, wanneer woorden niet begrepen woorden(bv bij een nabestaande met Alzheimer). Met kinderen zoek ik naar rituelen, die passen bij het referentiekader van hun eigen gezin. Heb boeken en kaarsen bij me, maar probeer de kinderen zoveel mogelijk zelf actief te laten worden. Ook rond het lichaam, in overleg met familie en aanwezige hulpverleners.

Volgende week ga ik hier verder op in met een casus.

4 REACTIES

  1. Dankjulliewel voor de reacties! Zal het advies over de titel zeker meenemen, Bert! Paul, het antwoord op jouw vragen ligt in de eigenregie; als je tijd kunt winnen is dat heel erg waardevol; je geeft mensen dan de kans om structuur te vinden in de chaos van het moment. Als het dan ook nog lukt om zoveel mogelijk mogelijkheden voor controle in te bouwen, dan geef je hen een groot geschenk; meedenken over houding, omgeving, tijdstippen en vooral rustige, duidelijke informatie. Dan verander je in feite het frame van de acute machteloosheid en hopeloosheid rond de reanimatie; je vervangt het door een situatie waarin mensen gehoord worden en zelf regie hebben in het afscheid. Een andere bijkomende factor van transport en later overlijden in het ziekenhuis is opsporingstechnisch; als iemand plotseling overlijdt en de doodsoorzaak niet meteen duidelijk is, bevind je je plotseling op een “plaats delict”. In Duitsland gaan de regels rond deze situaties aangepast worden, omdat het onderzoek nu erg lang duurt. Je kunt je voorstellen hoeveel impact het heeft als na een overlijden zoveel “vreemde” mensen onderzoek komen doen, terwijl de overledene moet blijven waar hij of zij is. Met name bij kindersuicides of bij situaties waarbij kinderen achterblijven begeleiden we dit proces intensief; wat gebeurt er, waarom is dat belangrijk en wie doet wat? In nauwe samenwerking met de recherche hebben we mogelijkheden om nabestaanden ook dan te betrekken. Zo mag er afscheid van het lichaam genomen worden(en is het “enge” beeld van de reanimatie niet het laatste beeld op die plek). Bij een wiegendood komt er geen grijze brancard meer het huis in, maar mag een kindje in de eigen maxi cosi mee. Het lijken kleine details, rond zo’n grote gebeurtenis. Maar juist in die details liggen veel handvatten verborgen, die je in het verwerkingsproces kunt aangrijpen. Ik kan het niet vaak genoeg zeggen; eigenregie is zó waardevol!

  2. Hoi Andrea,
    Dank voor dit mooie artikel en de adviezen die jij geeft. Om te reageren op Bert, ik vraag me altijd af wanneer een reanimatie echt gelukt is? Is dat als de patiënt met ritme en output in het ziekenhuis komt, als de patiënt lopend en in goede conditie het ziekenhuis verlaat of misschien wel als we in goede overweging met respect en instemming van nabestaanden besluiten om te stoppen met de reanimatie?
    Vandaag las ik een bijzonder blog van Floor (http://www.artsinspe.nl/actueel/blogs/Blog-1/Blog-Floor-Stoer.htm), “stoer” noemde zij het.
    Ik ben benieuwd Andrea of er iets bekend is tussen het verschil van nabestaanden die een reanimatie meemaken van hun dierbare waarbij er in de thuissetting gestopt wordt en de reanimatiepatienten die nog een aantal dagen op de IC liggen waarbij de prognose infaust is maar de nabestaanden nog wel tijd hebben om “afscheid” te nemen? In mijn bescheiden mening kan dit namelijk wel verschil maken, het gevoel van afscheid “kunnen” nemen versus het weggerukt worden uit het leven.
    Desalniettemin denk ik dat wij als pre-hospitale hulpverleners een belangrijke taak hebben in het dragelijk maken van lijden, zeker ook het lijden van nabestaanden, jouw adviezen en opmerkingen in dit artikel geven mij handvaten om dit te doen……

    Paul Dirkes

  3. Mooi artikel, goed geschreven en duidelijke uitleg. Top.
    Alleen jammer van de titel “Als reanimeren niet lukt…” .
    Als reanimatie is toegepast en slachtoffer komt toch te overlijden, wil dat niet zeggen dat reanimatie niet is gelukt. Veel slachtoffers komen te overlijden ondanks goede reanimatie.

  4. Ik vind dit een mooi artikel, want het valt inderdaad niet mee.
    Wij hebben gelukkig binnen onze vereniging een nazorg groep die de eerste opvang doen na een reanimatie voor zowel de hulpverleners dan ook terplaatse voor de nabestaande.
    Jan Schokker
    EHBO instructeur EHBO vereniging St Willibrordus Volendam

Comments are closed.