Home Algemeen Algemeen Airbags, eigen veiligheid eerst

Airbags, eigen veiligheid eerst

7126
1

Een airbag of luchtzak is een zak die in geval van nood snel kan worden opgeblazen tot een beschermend kussen. Airbags worden vooral in auto’s gemonteerd. Bij een botsing wordt door de schok de luchtzak automatisch opgeblazen, waardoor de inzittende beschermd wordt tegen letsel.
Het airbagsysteem van een auto is opgebouwd uit diverse componenten. Het regelapparaat, een electronic control unit, is een computer die verbonden is met sensoren en actuators. Om bescherming van de inzittende te waarborgen, wordt er tijdens de rit continu gemeten en gerekend. Het resultaat van de berekeningen bepaalt of het om een ongeval gaat of dat er bijvoorbeeld over een stoepje wordt gereden. De grenswaarde is vastgelegd in het regelapparaat en is bepalend voor de activering van de airbag. Bij nieuwere airbagsystemen wordt ook bepaald welke airbag geactiveerd wordt en in sommige gevallen zelfs met hoeveel kracht.

Activering
Het opblazen van de airbag na activering moet zeer snel kunnen gebeuren, daarom wordt de airbag opgeblazen door in de luchtzak een explosieve stof te lont steken door een klein en zeer snel werkend gloei-element. Door deze ontploffing wordt de airbag zeer snel gevuld met de hete gassen die bij de explosie vrijkomen.

Airbags worden geactiveerd door een zeer snelle en krachtige ontplooiing. Er volgt een explosie, waarbij een grote hoeveelheid gas, namelijk 99% stikstof vrijkomt. Dit gas blaast de airbag compleet op.
Een airbag komt met een grote snelheid van circa 300km/h naar voren.  De kracht hiervan kan ernstig letsel veroorzaken, indien geen autogordels gedragen worden. Moderne airbagsystemen kunnen herkennen of autogordels gedragen worden. Normaal gesproken moet een inzittende minimaal 25 cm van een (niet-ontplooide) airbag verwijderd blijven om verwonding tijdens een ongeval te voorkomen.

Gevaren
Door het opblazen van de airbags kunnen verwondingen ontstaan, zoals schaafwonden, gehoorbeschadiging, hoofdverwondingen, oogbeschadiging en botbreuken in neus, armen en vingers.

Het roken van een pijp in een auto is vaak dodelijk als de airbags geactiveerd worden, de pijp wordt met kracht de keel in gedrukt waardoor verstikking kan volgen. Het roken van een pijp in de auto wordt dan ook ten strengste afgeraden.

Het plaatsen van een kind in een achterwaarts geplaatste baby-autostoeltje op een zitplaats met geactiveerde airbags wordt door de meeste fabrikanten afgeraden. Bij activatie wordt het stoeltje gekanteld en kan de baby stikken of verwondingen oplopen. Bij de meeste merken kunnen deze airbags uitgeschakeld worden.

Na een ongeval dienen niet-ontplooide airbags met enige voorzichtigheid behandeld te worden. De kracht van een airbag is zeer groot en kan letsel toebrengen aan een persoon die zich in het pad van de airbag bevindt, maar niet in de autogordel in de stoel zit. Indien er nog een slachtoffer in het voertuig aanwezig is, zal de brandweer een speciale hoes om het stuur aanbrengen om bij een niet-bedoelde activatie het slachtoffer en de hulpverleners te beschermen.

Eigen veiligheid eerst
Zoals te lezen is blijven er ook na een ongeval, zelfs als de stroom van het voertuig is gehaald het gevaar ontstaan dan een airbag geactiveerd. Omdat het binnen onze dagelijkse inzetten regelmatig voor komt dat wij patiënten in voertuigen onderzoeken terwijl niet (alle) airbags zijn geactiveerd moeten we hier zeer voorzichtig mee zijn.

Voor de zogenoemde “gordijnairbags” en “stoelairbags” zijn er geen middelen voorhanden, hier moeten we rekening houden met welke positie we naast de patiënt innemen. Een ander verhaal is het voor het stuur, een airbag die we wel met hulpmiddelen kunnen beveiligen, hiermee voorkomen we niet dat die afgaat, maar kunnen we wel voorkomen dat deze schade en letsel bij zowel de patiënt als de hulpverleners toebrengt.

Hulpmiddelen
Is of zijn de patiënten in staat om zelf op eigen kracht het voertuig te verlaten, dan geniet dit de voorkeur, is dat niet het geval dan dient de veiligheid te worden gewaarborgd. Alleen voor een stuurairbag is een hulpmiddel voor handen, een zogenoemde stuurhoes die voorkomt dat een geactiveerde airbag schade toe brengt, deze hoes dient vakkundig door de brandweer geplaatst te worden.

De hoes, het ontkoppelen van de accu, het zover mogelijk achteruit zetten van de stoel (waar de patiënt op zit) behoren tot een aantal acties die de veiligheid kunnen verhogen.

Wees je bewust van de gevaren en schroom niet hiervoor assistentie te vragen van de brandweer, die hierin ter zake kundig is.

Hieronder een aantal afbeeldingen van een airbaghoes en een filmpje van een airbag die wordt geactiveerd.

airbag-safety-cover-secunet1 airbaghoes-systeem airbaghoes-1

foto artikel: Niels Folkers – 112ijmond.nl

Bovenstaand item is eerder geplaatst op ambulanceblog. Datum van de eerste publicatie was 12 februari 2014.

1 REACTIE

  1. De airbaghoes is inderdaad een hulpmiddel om veiligheid te waarborgen echter is het effect slechts zeer gering gezien de enorme hoeveelheden airbags in een auto. Veel ambulancediensten hebben hem ook aan boord om veiligheid te kunnen waarborgen echter: bij het aanbrengen van de airbaghoes bevinden we ons direct (en veelal met onze nek) onder een veel grotere bedreiging: de gordijnairbag. Dus hoeveel risico lopen we tijdens het inperken van risico’s? Is dat het risico waard?
    Want waar nemen we plaats als het slachtoffer zelf niet kan uitstappen? Vaak in de deuropening naast het slachtoffer, precies in het effectgebied van de gordijnairbag die met een enorme stootkracht naar beneden komt….
    Moeten we de airbaghoes niet links laten liggen gezien het beperkte effect en het gevaar tijdens het aanbrengen?
    Aandachtspunt blijft dan het naar achteren schuiven van de stoel en het open zetten van in ieder geval het raam of de deur aan de andere zijde zodat de schokgolf weg kan (met als aandachtspunt hypothermie). En de voorkeur blijft natuurlijk het zelf uit laten stappen…

Comments are closed.