Home Algemeen Algemeen Aanrijtijden de norm of ingezette zorg?

Aanrijtijden de norm of ingezette zorg?

2314
4
De aanrijtijden van ambulances zijn weer gepresenteerd. Gebleken is dat het aantal ambulances dat binnen de normtijd van 15 minuten bij een spoedgeval aanwezig is, gedaald is. Is dat schokkend? Of moeten we eens kijken naar deze normtijd, waarvan eigenlijk niemand weet waar deze op gebaseerd is?
De treinramp bij Harmelen in 1962 is de basis geweest voor de toenmalige Wet Ambulancevervoer, die in 1971 is ingesteld. In deze wet werd bepaald dat de aansturing van ambulances moest plaatsvinden door een Centraal Post Ambulancevervoer (CPA), nu de Meldkamer Ambulancezorg. Bij het opstellen van deze wet, moesten criteria worden gesteld aan de inrichting van de ambulances, de bemensing en ook de aanrijtijden. Nog uit deze tijd, stamt de norm van 15 minuten. Maar wanneer ik probeer te achterhalen wat de gedachte is geweest achter deze normtijd, krijg ik nergens een duidelijk antwoord.
In 2013 is de Tijdelijke Wet Ambulancezorg (TWAZ) in werking getreden, als eerste (tijdelijke) vervanger van de wet uit 1971! We hebben dus 42 jaar gewerkt op basis van de criteria van een Wet die eigenlijk al lang achterhaald was. Er is geen sprake meer van ambulancevervoer, maar van ambulancezorg. Zodra je als zorgvrager 1-1-2 belt, start feitelijk al de behandelovereenkomst. Je doet een zorgvraag en de meldkamer bepaald (grotendeels) op basis van een triageprotocol of er een indicatie is om een ambulance te sturen. Een ambulance is bemenst door een gespecialiseerde ambulanceverpleegkundige en speciaal opgeleide ambulancechauffeur. Al bij aankomst beginnen zij met de anamnese, doen ze controles en beginnen we met het verlenen van therapeutische behandeling (zorg) om gezondheidsschade te beperken en/of gezondheidsklachten weg te nemen. Heel wat anders dan wat de ambulanceteams deden in het midden van de jaren ’70. Waar niet zelden de automonteur een witte jas aan had getrokken om de ambulance te besturen en er een verpleegkundige uit het ziekenhuis werd opgehaald. Met een beetje geluk kon de ambulancebemanning zuurstof geven, maar veel meer faciliteiten waren er nog niet.
Dat we zijn gaan kijken naar een nieuwe wet is dus niet meer dan terecht. En dat men wil kijken naar een goede formulering van deze wet, is ook wel te begrijpen. Maar die 15 minuten norm…… die staat er nog steeds in en niemand weet op basis waarvan het wenselijk is dat die ambulance er bij spoedgevallen binnen 15 minuten moet zijn.
Als we bedenken wat ‘echt’ spoed is, dan denken we aan reanimaties en ernstige verkeersongevallen. Bij een reanimatie ben je bij 14 minuten (binnen de normtijd) echt wel te laat, tenzij andere hulpverleners zijn begonnen met adequate borstcompressie, beademing en defibrillatie met een AED. Wanneer een slachtoffer van een ernstig verkeersongeval een ernstige bloeding heeft, is 14 minuten (dus ja, binnen de normtijd) echt te lang. Alleen als omstanders de bloeding actief hebben afgedrukt, is er een kans om die bloeding te overleven. Zelfs als de ambulance er binnen de normtijd is. Heeft iemand een hartinfarct of beroerte (CVA), dan is de tijd ook belangrijk, maar dan maakt een aanrijtijd van 14 minuten of 16 minuten niet zo heel veel verschil in de kans op overleven. In het ene geval is de ambulance er binnen de normtijd en bij 16 minuten zou die er buiten de normtijd zijn.
Dus is die aanrijtijd van 15 minuten bij A1 rit wel evidence based? Kijk je naar reanimaties, dan zal je aanrijtijd aanzienlijk korter moeten zijn. Voor een reële overlevingskans op basis van opstarttijd van een reanimatie, moet je er echt wel binnen zes minuten zijn.
Het is inmiddels aangetoond dat het aantal aanvragen voor ambulancezorg de laatste jaren zijn toegenomen. Er is geen samenhang aangetoond met de komst van de triage protocollen PROQA en NTS. Zorgvragers zijn mondiger geworden, bellen gemakkelijker 1-1-2 en bij het benoemen van bepaalde gezondheidsklachten zal dit automatisch leiden tot de inzet van een ambulance, omdat centralisten zichzelf steeds vaker moeten indekken.
Je zou verwachten dat de zorgvraag die blijkt uit de intake/triage bepalend zou moeten zijn voor het wel of niet sturen van een ambulance. Maar maakt een centralist de weloverwogen keuze om geen ambulance te sturen, maar een huisarts te consulteren, dan loopt deze centralist het risico berispt te worden. Bijvoorbeeld omdat de buikpijn klachten waar iemand mee bekend is (colitus o.i.d.) later toch misschien wel hartklachten waren geweest en je niet had kunnen uitsluiten dat de gepresenteerde klachten ‘een voorbeeld waren van een hartinfarct met andere klachten, dan de bekende specifieke klachten’.
 
Of de ambulanceverpleegkundige die eigenlijk wel zeker weet dat de buikpijn samenhangt met menstruatieklachten, de zorgvrager bekend is met een lage bloeddruk en waarschijnlijk een iets versnelde pols heeft als gevolg van de stress/pijn. Maar als er later toch iets anders uitkomt, heb je een probleem.
Steeds vaker zie je dat de keuze om een ambulance te sturen of wel te vervoeren niet meer alleen is op basis van je eigen ervaring als professional, maar ook op basis van ervaringen van eerdere klachten al dan niet bij collega’s.
Geen enkele professional zal een gok nemen. Iedereen neemt zijn werk serieus en bij de minste geringste twijfel zetten we in op verder onderzoek en zorg. Maar wanneer we het gewicht van een mogelijke klacht of tuchtrechtelijk onderzoek zwaarder laten wegen, dan het klinische beeld en gezond boerenverstand, moeten we ons denk ik wel zorgen gaan maken.
Misschien zou de normtijd wel per spoedgeval anders moeten zijn en moet je de opvolging van een zorgvraag ook wel anders gaan interpreteren.
Bijvoorbeeld bij een reanimatie: je kan vasthouden aan de ambulance die er binnen 15 minuten moet zijn. Dan is de kans op overleven klein, als die ambulance er binnen de normtijd is, maar wel een aanrijtijd had van 14 minuten.
Wanneer je stelt dat bij een reanimatie binnen 6 minuten (norm Hartstichting) begonnen moet zijn met reanimatie, heb je meer mogelijkheden.
Bijvoorbeeld de inzet van first responders (huisarts, brandweer, politie of burgerhulpverleners). Nederland is koploper als het gaat om de inzet van burgerhulpverleners bij reanimaties. Ik durf te stellen dat deze inzet al levens heeft gered, omdat er begonnen is met adequate reanimatie voor aankomst van de ambulance en vaak al de eerste defibrillaties zijn gegeven met een AED.
Bij een verdenking van een vers CVA is het protocol dat iemand binnen een bepaald tijdsbestek (regionale verschillen) na het ontstaan van de klachten in het ziekenhuis moet zijn om voor behandeling in aanmerking te komen. Dit is zeker ook een spoedrit, maar of de ambulance er nu wel of niet binnen de 15 minuten is, zou minder rigide beoordeeld kunnen worden, zonder dat je de zorgvrager tekort doet.
Misschien is er differentiatie mogelijk in de A1 ritten en laten we niet de 15 minuten norm bepalen of je een RAV afrekent op de geleverde prestaties, maar de tijd die het duurde voordat er adequate zorg/hulp was, passend bij de zorgvraag. Dan stimuleer je RAV-en om efficiënter gebruik te maken van burgerhulpverleners, brandweer, politie, huisartsen en bijvoorbeeld reddingsbrigades, maar kijk je ook reëler naar zorgvragen en kun je prioriteren, zonder het risico te lopen afgerekend te worden op alleen een (arbitraire) 15 minuten  norm.
De zorgvragen zijn toegenomen, de ambulancecapaciteit staat onder druk, maar ook de beschikbaarheid van huisartsen. Initiatieven om ambulancezorg te differentiëren met bijvoorbeeld ‘medium care’ ambulances zijn onlosmakelijk verbonden met het inspelen op een veranderend zorglandschap. Alleen hoop ik wel dat we elkaar landelijk opzoeken en volgen. Niet allemaal het wiel (opnieuw) willen uitvinden, maar zorgen voor uniformiteit, zodat mensen in elke regio een beroep kunnen doen op een zelfde soort zorgcentrale, met een identieke opvolging op zorgvragen.
De kwaliteit van de opvolging van een zorgvraag bepaald in mijn ogen meer of je goede kwaliteit van zorg levert, dan het volgen van een rigide 15 minuten norm.
Aanrijtijden de norm of ingezette zorg?
4.1 (82.22%) 18 beoordeling(en)

DELEN
Vorig artikelWat mijn vak zo mooi en bijzonder maakt…..
Volgend artikelVakantie blog 2018
Ambulancechauffeur, instructeur en ondernemer. Gedreven, kritisch en enthousiast in zijn vak, brede interesse voor de ambulancesector en luchtvaart. Verschillende kansen benut om zichzelf te ontwikkelen en te verdiepen. In de afgelopen jaren onderzoek gedaan naar ambulancezorg wereldwijd en een analyse opgebouwd over de ontwikkelingen in Nederland.

4 REACTIES

  1. @Peter: waar doel je dan op? Ben benieuwd! Is in ieder geval wel een interessante discussie 🙂

  2. Prima stuk.

    Helaas is de verantwoordelijke minister diegene die nimmer zal instemmen met een verruiming van die 15 minuten grens op basis van indekken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here